ECLI:NL:RBMAA:2003:AI0917
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.L.G. Geisel
- J.N.F. Sleddens
- T.E.A. Willemsen
- Rechtspraak.nl
Vonnis over openbaarheid en toegankelijkheid voetpad als openbare weg volgens Wegenwet
Eiser verzocht de gemeente om duidelijkheid over het gebruik van een voetpad dat toegang geeft tot zijn percelen, waarvan één niet met voertuigen bereikbaar is. De gemeente weigerde maatregelen om het pad berijdbaar te maken voor voertuigen en handhaving tegen obstakels zoals een hek en hagen.
De rechtbank stelt vast dat het pad een openbaar voetpad is in de zin van de Wegenwet, maar dat de openbaarheid niet strekt tot gebruik door voertuigen. Bewijs en verklaringen tonen onvoldoende structureel gebruik door voertuigen aan. Het plaatsen van een hek en hagen door een derde belemmeren het gebruik als voetpad.
De gemeente heeft op grond van artikel 16 Wegenwet Pro een zorgplicht om wegen in goede staat te houden en handhavend op te treden bij belemmeringen. De rechtbank oordeelt dat de gemeente deze taak onvoldoende heeft uitgevoerd door niet op te treden tegen de obstakels die het voetpad belemmeren.
Daarom wordt het besluit van de gemeente vernietigd en wordt de gemeente opgedragen binnen tien weken een nieuw besluit te nemen waarin zij ook handhavend optreedt tegen de obstakels die het voetpad als voetpad belemmeren.
De rechtbank wijst erop dat het geschil over eigendom van het pad niet relevant is voor de openbaarheid en handhaving van het voetpad. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente wordt vernietigd en zij wordt opgedragen bestuursdwang toe te passen tegen obstakels die het voetpad belemmeren.