ECLI:NL:RBMAA:2003:AF7129
Rechtbank Maastricht
- Hoger beroep
- Laumen
- Huinen
- Sijmonsma
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens arbeidsongeschiktheid door blootstelling aan chemicaliën niet kennelijk onredelijk zonder bewijs
De zaak betreft een geschil tussen EKA Chemicals BV en een werknemer die sinds 1973 in dienst was en sinds 1994 arbeidsongeschikt is. De werknemer stelt dat zijn arbeidsongeschiktheid het gevolg is van blootstelling aan schadelijke chemicaliën tijdens zijn werkzaamheden, en dat het ontslag per 1 oktober 1996 daarom kennelijk onredelijk is.
De rechtbank stelt vast dat de werknemer gezondheidsklachten heeft die passen bij chronische toxische encephalopathie en dat er een geschil bestaat over de mate van blootstelling aan onder meer zwavelwaterstof. EKA betwist dat er sprake was van relevante blootstelling aan deze stoffen.
De rechtbank oordeelt dat het aan de werknemer is om aannemelijk te maken dat hij in gevaarlijke mate is blootgesteld aan de genoemde chemicaliën en dat deze blootstelling heeft geleid tot zijn gezondheidsklachten. Hiertoe wordt de werknemer toegestaan bewijs te leveren, bij voorkeur via een deskundigenbericht en getuigenverhoren onder rechter-commissaris.
De rechtbank houdt verdere beslissing aan totdat dit bewijs is geleverd. Ook andere griefpunten over begeleiding, passende functie en financiële vergoeding worden aangehouden in afwachting van het bewijs over de oorzaak van de arbeidsongeschiktheid.
De uitspraak benadrukt dat de vergoeding op grond van kennelijke onredelijkheid van het ontslag (art. 7:681 BW Pro) los staat van eventuele aansprakelijkheid op grond van de zorgplicht (art. 7:658 BW Pro).
Uitkomst: De rechtbank staat bewijslevering toe over blootstelling aan chemicaliën en houdt verdere beslissing aan.