ECLI:NL:RBMAA:2003:AF6826
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.N.F. Sleddens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting headshop wegens handel in bewerkte paddestoelen met psilocine en psilocybine
In deze zaak stond de vraag centraal of de burgemeester terecht bestuursdwang toepaste door een headshop voor onbepaalde tijd te sluiten vanwege handel in verdovende middelen. Na een aanhouding van klanten en een onderzoek werden in de winkel paddestoelen en spacecakes aangetroffen die de verboden stoffen psilocine en psilocybine bevatten, zoals vastgesteld door het Nederlands Forensisch Instituut.
De eigenaar van de winkel voerde aan dat de paddestoelen onbewerkt waren en dat de bedrijfsvoering volgens richtlijnen van de Vereniging Landelijk Overleg Smartshops (VLOS) verliep, waardoor sluiting disproportioneel zou zijn. De rechtbank oordeelde echter dat het drogen en verpakken van de paddestoelen een bewerking vormt die ze tot preparaten in de zin van de Opiumwet maakt, waardoor de sluiting gerechtvaardigd is.
Hoewel de rechtbank het besluit onvoldoende had gemotiveerd ten aanzien van de bezwaren van de eigenaar, werd het besluit op grond van de wet in stand gelaten. De rechtbank wees erop dat de burgemeester op grond van artikel 13b van de Opiumwet bevoegd is bestuursdwang toe te passen bij handel in middelen als psilocine en psilocybine. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de onbepaalde sluiting van de headshop wegens handel in bewerkte paddestoelen met psilocine en psilocybine wordt ongegrond verklaard.