ECLI:NL:RBMAA:2002:AF3441
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.A.E. van Binnebeke
- H.J.O. Martens
- R.C.A.M. Philippart
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen gedifferentieerde WAO-premie vastgesteld door UWV
Eiseres, een onderneming, maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV waarin de gedifferentieerde premie WAO voor het jaar 2000 werd vastgesteld op 3,45%. Zij betwistte de rechtmatigheid van de aan (ex-)werknemers toegekende WAO-uitkeringen, mede vanwege het ontbreken van voldoende inzage in de medische stukken en het onvermogen om voor 1998 bezwaar te maken. De rechtbank constateerde dat vanaf 1 januari 1998 de werkgever als belanghebbende kon optreden, maar dat voor die datum geen rechtsbescherming bestond.
De rechtbank heeft de medische dossiers van twee (ex-)werknemers opgevraagd en aan eiseres ter inzage gegeven, maar eiseres heeft geen inhoudelijk verweer meer gevoerd. Hierdoor is het geschil over het bestreden besluit komen te vervallen, waardoor het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens gebrek aan belang.
De rechtbank veroordeelde het UWV tot vergoeding van het door eiseres betaalde griffierecht van €204,20 en de proceskosten van €322,- voor rechtsbijstand. Tevens wees de rechtbank op de mogelijkheid van hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na uitspraak.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het besluit van het UWV is niet-ontvankelijk verklaard wegens verlies aan belang.