ECLI:NL:RBMAA:2002:AD8327
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift tegen afwijzing referendumverzoek coffeeshopbeleid Kerkrade onterecht
Eiser diende een verzoek in tot het houden van een raadplegend referendum over het coffeeshopbeleid in Kerkrade, dat door de gemeenteraad werd afgewezen. Hiertegen maakte eiser bezwaar, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het zou gaan om een voorbereidingshandeling in de zin van artikel 6:3 Awb Pro. De Centrale bezwaarschriften- en klachtencommissie en de gemeente Kerkrade stelden dat het referendum slechts een fase in de besluitvorming was en niet zelfstandig vatbaar voor bezwaar en beroep.
De rechtbank oordeelt echter dat de afwijzing van het referendumverzoek geen voorbereidingsbesluit is omdat er geen vervolgbesluit volgt waartegen bezwaar en beroep openstaan. Ook is eiser, als aanvrager van het referendum, belanghebbende in de zin van artikel 1:2 Awb Pro. De rechtbank vernietigt het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring en bepaalt dat de gemeente een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de gemeente tot vergoeding van de door eiser gemaakte proceskosten en het griffierecht. De uitspraak benadrukt dat de toepassing van artikel 6:3 Awb Pro beperkt moet worden om te voorkomen dat beslissingen in het kader van de referendumverordening niet appellabel zijn.
Uitkomst: Het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift tegen de afwijzing van het referendumverzoek is vernietigd en de gemeente moet een nieuw besluit nemen.