ECLI:NL:RBMAA:2001:AF2551
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Machiels
- Laumen
- De Kort
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid provincie voor onrechtmatige weigering vergunning bouw- en sloopafval
De besloten vennootschap [G.] B.V. heeft bij de provincie Limburg vergunning aangevraagd voor het opslaan en mobiel breken van bouw- en sloopafval. De provincie weigerde deze vergunningen in 1986 en 1989, waarbij zij zich baseerde op een nota Bouw- en sloopafval die niet was goedgekeurd als provinciaal afvalstoffenplan. De Afdeling Geschillen van Bestuur vernietigde deze weigeringen omdat de provincie zich niet op een geldig plan kon beroepen.
[G.] B.V. stelt dat de weigeringen onrechtmatig zijn en vordert schadevergoeding voor gederfde omzet en gemaakte juridische kosten. De rechtbank stelt vast dat de provincie onrechtmatig heeft gehandeld door besluiten te nemen die door de Afdeling zijn vernietigd en dat er sprake is van schuld aan de zijde van de provincie.
De rechtbank oordeelt echter dat het causaal verband tussen het onrechtmatig handelen en de gevorderde omzetderving niet zonder meer vaststaat en verwijst partijen naar een schadestaatprocedure voor nadere vaststelling van de schade. De zaak wordt aangehouden voor nadere uitlatingen over de gevolgen van een eerdere uitspraak van de Afdeling die relevant is voor de beoordeling van de vergunningverlening.
De rechtbank wijst het verweer van de provincie dat de civiele procedure niet ontvankelijk zou zijn af en benadrukt dat het aan [G.] B.V. staat om te bewijzen dat zij de vergunning zou hebben gekregen zonder de onrechtmatige weigeringen. De uitspraak is gewezen door drie rechters en uitgesproken in openbare terechtzitting.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor nadere uitlatingen over schadevergoeding en causaal verband na onrechtmatige weigering van vergunningen door de provincie.