Uitspraak
1. primairis ten laste gelegd.
1. subsidiair,
2.en
3. primairten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat
1.subsidiair
hij op 26 oktober 2000 in de gemeente Heerlen opzettelijk [slachtoffer 1] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte met dat opzet genoemde [slachtoffer 1] met een steen tegen het hoofd geslagen, tengevolge waarvan voornoemde [slachtoffer 1] is overleden.
2.
hij op of omstreeks 13 juni 1999 in de gemeente Heerlen tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een personenauto (merk Opel), toebehorende aan [slachtoffer 2] , waarbij verdachte en zijn mededader die weg te nemen personenauto onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak.
3.primair
hij op 14 juni 1999 in de gemeente Landgraaf tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in een garage en/of kelder (behorende bij een woning gelegen aan de [adres 1] ) heeft weggenomen sportschoenen en sportkleding en een fietsmand en flessen bier, toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en zijn mededader, waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak.
1. subsidiairen
3. primairmeer of anders is ten laste gelegd. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.
als conclusie:
verminderde matekan worden toegerekend.
als advies:
- de omstandigheid dat verdachte reeds eerder ter zake vermogensdelicten is veroordeeld;
- het gewelddadig karakter van het bewezen verklaarde en de maatschappelijke onrust die
1. primairten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;
1. subsidiair,
2.en
3. primairten laste gelegde, zoals hiervoor is omschreven, heeft begaan;
1. subsidiairen
3. primairmeer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt hem daarvan vrij;
ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat hij van overheidswege zal worden verpleegd;
gevangenisstrafvoor de duur van
vijf jaren;
[slachtoffer 1], [woonplaats] , [adres 4] , te betalen een bedrag van
FL. 8867,75;
[slachtoffer 1]voornoemd in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot heden begroot op nihil.