ECLI:NL:RBLIM:2026:790

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
11 februari 2026
Publicatiedatum
26 januari 2026
Zaaknummer
11959832 \ CV EXPL 25-4844
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Dohmen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 108 RvArt. 108 lid 2 RvArt. 2 RvArt. 111 RvArt. 120 lid 4 Rv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing incidentele vordering tot onbevoegdheid in huurovereenkomst autoverzekering

LongTerm Car Rental Curaçao heeft een vordering ingesteld tegen [gedaagde] wegens schade aan een gehuurde auto na een ongeval op 25 december 2024. [gedaagde] stelde de bevoegdheid van de Nederlandse kantonrechter ter discussie op grond van een forumkeuzebeding dat exclusieve bevoegdheid aan het Gerecht in eerste aanleg te Curaçao toekent.

De kantonrechter oordeelt dat het forumkeuzebeding geen gevolg heeft bij vorderingen die tot de bevoegdheid van de kantonrechter behoren, tenzij uitzonderingen zoals werknemers, consumenten of huurders zich tot de rechter wenden, wat hier niet het geval is. Omdat [gedaagde] in Nederland woont, is de Nederlandse rechter bevoegd.

Daarnaast is de dagvaarding voldoende duidelijk ondanks het beroep op de substantiëringsplicht. De vordering tot onbevoegdheid wordt afgewezen en [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten. De hoofdzaak wordt aangehouden tot de rolzitting van 11 maart 2026.

Uitkomst: De kantonrechter wijst de incidentele vordering tot onbevoegdheid af en bevestigt de bevoegdheid van de Nederlandse rechter.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: 11959832 \ CV EXPL 25-4844
Vonnis van 11 februari 2026
in de zaak van
LONGTERM CAR RENTAL CURAÇAO,
te Willemstad (Curaçao),
eisende partij,
hierna te noemen: LongTerm Car Rental Curaçao,
gemachtigde: [gemachtigde] ,
tegen
[gedaagde],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. M.G.M. Reinaerts.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de incidentele conclusie tot onbevoegdheid van LongTerm Car Rental Curaçao
- de conclusie van antwoord in het incident.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Tussen LongTerm Car Rental Curaçao en een derde, [persoon] , is een huurovereenkomst tot stand gekomen. Het gaat hierbij om een auto. [gedaagde] is als extra bestuurder opgegeven en hierdoor gemachtigd om met de auto te rijden.
2.2.
Op 25 december 2024 is [gedaagde] betrokken geweest bij een ongeval waarbij de auto beschadigd dan wel total loss is verklaard.

3.De beoordeling

3.1.
LongTerm Car Rental Curaçao vordert – samengevat – veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van € 5.950,99, te vermeerderen met rente en kosten.
Voordat hiertegen inhoudelijk verweer is gevoerd, heeft [gedaagde] de bevoegdheid van de kantonrechter aan de orde gesteld. Hij wijst daarbij op het in de algemene voorwaarden opgenomen forumkeuzebeding. In dit beding is het Gerecht in eerste aanleg te Curaçao exclusief bevoegd.
3.2.
LongTerm Car Rental Curaçao betwist de onbevoegdheid en stelt dat de Nederlandse rechter op grond van artikel 2 Rv Pro bevoegd is.
3.3.
De kantonrechter is van oordeel dat de incidentele vordering tot onbevoegdheid moet worden afgewezen. In de wet [1] zijn bepalingen opgenomen over een forumkeuzebeding. Echter, als het gaat om een vordering die tot de bevoegdheid van de kantonrechter hoort, heeft een forumkeuzebeding geen gevolg. [2] Dit is alleen wel het geval als het forumkeuzebeding is aangegaan na het geschil, of als een werknemer, consument of huurder zich tot de rechter wendt. Die uitzonderingen zijn hier niet aan de orde.
3.4.
In zaken die bij dagvaarding moeten worden ingeleid, heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht indien de gedaagde in Nederland zijn woonplaats of gewone verblijfplaats heeft. [3] [gedaagde] woont in [plaats], zodat de kantonrechter van de rechtbank Limburg, locatie Roermond, bevoegd is van het geschil kennis te nemen.
3.5.
[gedaagde] doet verder een beroep op de wettelijke substantiëringsplicht. [4] Mocht daarvan sprake zijn, dan staat daarop uitdrukkelijk niet de sanctie van nietigheid van de dagvaarding. [5] De gestelde schending van de substantiëringsplicht zal bij (eind)vonnis in de hoofdzaak (nogmaals) beoordeeld worden. Vooralsnog acht de kantonrechter de dagvaarding in ieder geval voldoende duidelijk om daartegen verweer te kunnen voeren. Als er inderdaad sprake is van schending van voorschriften, dan zal op dat moment worden beoordeeld wat een passende sanctie is.
3.6.
[gedaagde] is in het incident in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van LongTerm Car Rental Curaçao worden begroot op:
- salaris gemachtigde
288,00
(1 punt × € 288,00)
- nakosten
135,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
423,00
3.7.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

4.De beslissing

De kantonrechter
In het incident
4.1.
wijst de vordering af,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 423,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
In de hoofdzaak
4.3.
verwijst de zaak naar de rolzitting van 11 maart 2026 voor conclusie van antwoord,
4.4.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. Dohmen en in het openbaar uitgesproken op 11 februari 2026.

Voetnoten

1.Artikel 108 Rv Pro
2.Artikel 108, lid 2 Rv
3.Artikel 2 Rv Pro
4.Artikel 111 Rv Pro
5.Artikel 120 lid 4 Rv Pro