Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 t/m 10
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
nietvan toepassing is. Gelet daarop is de kantonrechter van oordeel dat het beding niet oneerlijk is.
Rechtbank Limburg
Stichting Weller Wonen verhuurt sinds maart 2023 een woning aan de gedaagde partij. De huurder heeft een aanzienlijke huurachterstand opgebouwd, die op het moment van dagvaarding meer dan drie maanden bedroeg. Weller Wonen vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van het gehuurde, betaling van de huurachterstand, incassokosten, gebruiksvergoeding en proceskosten.
De huurder erkent een deel van de achterstand, maar betwist de hoogte van de vordering en de gevorderde ontbinding en ontruiming. Tijdens de mondelinge behandeling is een regeling getroffen over de ontruiming, maar Weller wenst een vonnis als stok achter de deur.
De kantonrechter toetst ambtshalve de algemene voorwaarden op oneerlijkheid en oordeelt dat het incassokostenbeding niet oneerlijk is. De huurachterstand wordt vastgesteld op € 2.698,10 inclusief servicekosten. Gezien de ernst van de achterstand en eerdere betalingsproblemen wordt de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming toegewezen met een termijn van veertien dagen na betekening.
Daarnaast wordt de huurder veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, buitengerechtelijke incassokosten van € 501,99, wettelijke rente vanaf 27 mei 2025, en een gebruiksvergoeding van € 885,60 per maand vanaf 1 juni 2025 tot ontruiming. De proceskosten van € 1.254,45 worden eveneens aan de huurder opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad, maar de ontruiming wordt niet tenuitvoer gelegd indien de huurder zich aan de regeling houdt.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur, incassokosten, gebruiksvergoeding en proceskosten.