ECLI:NL:RBLIM:2026:4311
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting woonboot wegens handel in harddrugs
De burgemeester van Maasgouw sloot op 25 maart 2026 de woonboot van verzoeker voor zes maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet vanwege de vondst van aanzienlijke hoeveelheden harddrugs, echt gelijkende vuurwapens en illegaal vuurwerk. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg een voorlopige voorziening, die door de voorzieningenrechter werd afgewezen.
De politie trof op 3 februari 2026 onder meer 400 gram ketamine, 350 gram amfetamine, XTC-tabletten, mephredone, diverse wapens en illegaal vuurwerk aan in de woonboot. Verzoeker stelde dat hij niet wist van de drugs en wapens en dat vrienden deze hadden meegenomen. De burgemeester mocht echter de woonboot sluiten omdat de situatie ernstig was en de woonboot deel uitmaakte van de drugshandelketen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de sluiting noodzakelijk en evenwichtig was. Hoewel de gevolgen voor verzoeker groot zijn, waaronder het verlies van de ligplaats door ontbinding van de huurovereenkomst, weegt dit niet zwaarder dan het belang van de sluiting. Verzoeker had toezicht moeten houden op wie in de woonboot verbleef. De sluiting is een herstelsanctie gericht op beëindiging van de overtreding en het voorkomen van herhaling.
De voorzieningenrechter concludeerde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat de maatregel passend was. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woonboot wordt afgewezen, waardoor de burgemeester de woonboot voor zes maanden mag sluiten.