ECLI:NL:RBLIM:2026:3837
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens vermeende partijdigheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. I.R.A. Timmermans-Vermeer, rechter in de rechtbank Limburg, naar aanleiding van een mondelinge behandeling in een civiele zaak. Verzoeker stelde dat de rechter hem ongelijk behandelde, zijn recht om gehoord te worden beperkte, bewijsmateriaal selectief toetste en beschuldigingen zonder toetsing liet passeren.
De rechter reageerde schriftelijk en berustte niet in de wraking. De meervoudige wrakingskamer behandelde het verzoek op 19 maart 2026 en concludeerde dat de rechter grote vrijheid heeft in de wijze van zaakbehandeling en dat het recht om gehoord te worden niet onbeperkt is. De wrakingskamer vond geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.
De kamer oordeelde dat de door verzoeker aangevoerde gedragingen en procesbeslissingen niet zonder meer een zwaarwegende aanwijzing voor vooringenomenheid opleveren. Ook het vermeende verschil in non-verbaal gedrag en de suggestie dat verzoeker artikel 21 Rv Pro zou hebben geschonden, konden niet worden geobjectiveerd.
De wrakingskamer wees het verzoek tot wraking af en bevestigde daarmee de onpartijdigheid van de rechter in deze zaak.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.