Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 t/m 22
- de mondelinge behandeling van 10 maart 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Eiser vordert schadevergoeding van de gemeente wegens het niet verkrijgen van een exploitatievergunning voor een horecagelegenheid aan een adres in Venray. De gemeente had de vergunning geweigerd op grond van het bestemmingsplan, dat geen exploitatie van horeca in de gewenste categorie toestaat. Eiser baseert zijn vordering mede op een ambtelijke adviesnota waarin sprake zou zijn van een kennelijke misslag in het bestemmingsplan en op het feit dat de gemeente het bestemmingsplan niet heeft herzien.
De rechtbank oordeelt dat de adviesnota een intern document is, bedoeld voor de gemeente en niet voor eiser, en dat er geen causaal verband bestaat tussen de adviesnota en de door eiser gestelde schade. Ook is het bestemmingsplan niet gewijzigd omdat de gemeenteraad dit niet heeft vastgesteld, een besluit dat formele rechtskracht heeft gekregen. Daarnaast is het beroep van eiser op het gelijkheidsbeginsel afgewezen omdat de pandeigenaren, anders dan eiser, een bestuursrechtelijke route voor planschadevergoeding hebben gevolgd en zij ten tijde van de bestemmingswijziging eigenaar waren.
De rechtbank concludeert dat de gemeente niet onrechtmatig heeft gehandeld en wijst de vordering van eiser af. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten en de wettelijke rente over deze kosten. Het vonnis is gewezen door dr. Kluin en op 22 april 2026 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiser af wegens ontbreken van onrechtmatig handelen door de gemeente.