7.3.Nu de omgevingsvergunning ten aanzien van de omgevingsplanactiviteit van de koelunits reeds om voornoemde redenen wordt herroepen, komt de voorzieningenrechter niet toe aan een beoordeling van de overige door gronden die eiseres hiertegen heeft aangevoerd, zoals het geluid van de koelunits en de inpasbaarheid van de koelunits in het beschermd stadsgezicht.
De omgevingsplanactiviteit ten aanzien van de trafo
8. Het plaatsen van de trafo is rechtstreeks toegestaan op grond van artikel 17.2.4, onder d, van het bestemmingsplan. Eiseres heeft dit niet weersproken. Op grond van artikel 22.26 van het omgevingsplan is desalniettemin voor de trafo een omgevingsvergunning nodig zoals bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder a van de Omgevingswet, zoals door het college ook is verleend. Tegen dit onderdeel van de verleende vergunning heeft eiseres geen gronden gericht.
9. Naast de bestemming ‘Centrum’ geldt de dubbelbestemming ‘waarde – Maastrichts Erfgoed’ op de locatie. In het bijzonder is de locatie aangemerkt als ‘cultuurhistorisch attentiegebied’ zoals bedoeld in artikel 21.1.2, onder e, van het bestemmingsplan. Op grond van artikel 21.2.1.1, onder b, betekent dit dat op de locatie alleen gebouwd mag worden indien de bestaande cultuurhistorische waardestelling niet wordt aangetast. Het college is daarnaast verplicht om de aanvraag van vergunninghoudster aan de gemeentelijke welstandscommissie voor te leggen op grond van artikel 21.2.4 van het bestemmingsplan. Ook op grond van artikel 22.29 van het omgevingsplan is het college verplicht om de aanvraag te toetsen aan de redelijke eisen van welstand.
10. Het college heeft de aanvraag voorgelegd aan de gemeentelijke welstandscommissie, Cultureel Erfgoed en aan de stedenbouwkundig adviseur. Op basis van de daarvan ontvangen adviezen concludeert het college dat de aanvraag voldoet aan de redelijke eisen van welstand en de richtlijnen die zijn neergelegd in het bestemmingsplan ten aanzien van de cultuurhistorische waarde.
11. Eiseres is het echter oneens met het plaatsen van de trafo. Volgens eiseres is de trafo te prominent aanwezig en is de geluidsoverlast die door de trafo veroorzaakt zal worden onvoldoende onderzocht. Daarnaast stelt eiseres dat het college ten onrechte voorbijgaat aan het overleg dat tussen vergunninghoudster en de bewoners van wooncomplex Castella is gevoerd. Daaruit zou volgens eiseres blijken dat de trafo op andere, betere plekken geplaatst had kunnen worden. Eiseres is daarnaast van mening dat de trafo op dezelfde locatie wordt gerealiseerd als in de in 2023 afgewezen aanvraag en vindt dat het college onvoldoende gemotiveerd heeft waarom van het standpunt in 2023 wordt afgeweken.
12. Voor zover eiseres heeft aangevoerd dat het college onvoldoende rekening heeft gehouden met het te produceren geluid en het optreden van verkeersoverlast, oordeelt de voorzieningenrechter dat dit geen onderdeel uitmaakt van het voorliggende toetsingskader, omdat daarin geen ruimtelijke toets is opgenomen. Aan een inhoudelijke beoordeling van deze beroepsgronden kan de voorzieningenrechter daarom niet toekomen.