Uitspraak
1.De procedure
- de akte van Invasion,
- het wrakingsverzoek van [afnemer] ,
- de beslissing van de wrakingskamer van 8 januari 2026,
Rechtbank Limburg
In deze civiele bodemzaak vordert Invasion B.V. betaling van een bedrag van de afnemer, waarbij Invasion stelt dat zij bevoegd is de vordering te innen omdat deze is verpand aan Deutsche Bank, die toestemming heeft gegeven voor inning.
De procedure kende een tussenvonnis waarbij Invasion werd verzocht bewijs te leveren van de toestemming van de pandhouder. Invasion bracht een e-mail van Deutsche Bank in het geding, die niet werd betwist door de afnemer. De afnemer diende een wrakingsverzoek in, dat niet-ontvankelijk werd verklaard.
De kantonrechter oordeelt dat Invasion als pandgever bevoegd is de vordering te innen en wijst de vordering van de afnemer in reconventie af. De afnemer wordt veroordeeld tot betaling van het gevorderde bedrag, de wettelijke handelsrente en de proceskosten in zowel conventie als reconventie. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De vordering van Invasion B.V. wordt toegewezen en de reconventionele vordering van de afnemer afgewezen, met veroordeling van de afnemer tot betaling van het gevorderde bedrag, rente en proceskosten.