Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de mondelinge behandeling van 9 december 2025 waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt en ter gelegenheid waarvan partijen spreekaantekeningen hebben overgelegd
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
ESN is verplicht het complex in alle opzichten in goede staat te onderhouden. ESN is verplicht tot gehele of gedeeltelijke herbouw van de opstallen over te gaan indien deze door welke oorzaak ook zijn teniet gegaan. De kosten gemoeid met onderhoud en vernieuwing komen voor rekening van ESN, één en ander met inachtneming van hetgeen is bepaald in de “Vernieuwde Raamovereenkomst Den Asseldonk”. Tussen partijen staat vast dat laatstgenoemde raamovereenkomst nadien is vervangen door de exploitatieovereenkomst.
Optisport is verantwoordelijk voor het onderhoud in, aan en direct rondom Den Asseldonk en zal dit onderhoud tijdig verrichten. Ten aanzien van het groot onderhoud zal de gemeente jaarlijks een onderhoudsbijdrage betalen, conform artikel 33 van Pro deze overeenkomst.” In artikel 33 staat Pro kort samengevat dat de gemeente jaarlijks een exploitatiebijdrage zal verstrekken van een contractueel bepaald vast bedrag, dat wordt uitgesplitst in een bedrag voor de exploitatie van het gebouw en een bedrag voor groot onderhoud van het gebouw. De bewoordingen van de artikelen 43 en 33 wijzen naar het oordeel van de rechtbank op een financiële bijdrage van de gemeente in de door Optisport te dragen kosten van onderhoud, die niet kan worden begrepen als (noodzakelijkerwijze) kostendekkend. De bewoordingen van de betrokken bepalingen bevatten geen aanknopingspunt voor de stelling van Optisport dat de gemeentelijke bijdrage kostendekkend zou moeten zijn. Dat ligt niet alleen niet besloten in de gangbare betekenis van het woord bijdrage – waarmee normaliter wordt bedoeld een aandeel in een groter geheel, zoals bijvoorbeeld de zogenaamde eigen bijdrage in de zorg – maar dat kan ook niet worden ingelezen omdat (a) de tekst van de exploitatieovereenkomst (als geheel) evenmin enig aanknopingspunt biedt om aan te nemen dat partijen met het bepaalde in de exploitatieovereenkomst hebben willen afwijken van de in de erfpachtovereenkomst expliciet opgenomen hoofdregel dat de erfpachter de kosten van het onderhoud draagt en (b) de door Optisport verdedigde gedachte dat de gemeente alle kosten – en daarmee het financiële risico – van het groot onderhoud zou moeten dragen niet te rijmen valt met het in artikel 32 van Pro de exploitatieovereenkomst uitdrukkelijk opgenomen uitgangspunt dat Optisport de exploitatie zelf en geheel voor eigen rekening en risico zal verzorgen. Dat zou immers niet “geheel voor eigen rekening en risico” zijn indien het groot onderhoud voor rekening en risico van de gemeente zou zijn. De omstandigheid dat tussen partijen meermalen is overlegd over de omvang van de gemeentelijke bijdrage is naar het oordeel van de rechtbank voor de uitleg van de overeenkomsten niet relevant, omdat een dergelijk overleg denkbaar is bij de contractsuitleg van beide partijen. Datzelfde geldt voor de door Optisport aangevoerde omstandigheid dat zij feitelijk altijd het onderhoud uitvoerde binnen het bedrag van de gemeentelijke bijdrage. Andere feiten of omstandigheden die zouden kunnen wijzen op de door Optisport voorgestane uitleg zijn gesteld noch gebleken.