Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
advocaat: mr. S.X.J. Zuidema, kantoorhoudend in Heerlen,
advocaat: mr. L.W.M. Hendriks, kantoorhoudend in Maastricht.
Rechtbank Limburg
In deze kortgedingprocedure vordert de vrouw een straat- en contactverbod tegen de man, met dwangsommen, naar aanleiding van een ernstig incident in februari 2026 waarbij de man de vrouw en hun kinderen opsloot en bedreigde. De man verblijft sinds dat incident in voorlopige hechtenis en ontkent de bedreigingen vanuit de PI.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het straatverbod te onbepaald is omdat de vrouw niet kan aangeven in welke opvanglocatie zij zal verblijven, terwijl een dergelijk verbod een ernstige inbreuk op de persoonlijke vrijheid vormt en daarom hoge eisen stelt. Ook is onvoldoende aannemelijk dat de man de vrouw en kinderen vanuit detentie bedreigt, en dat hij invloed heeft op familieleden die de vrouw lastigvallen.
Gelet op de omstandigheden, het ontbreken van concrete dreiging en het feit dat de man in detentie verblijft, wijst de voorzieningenrechter zowel het straat- als het contactverbod af. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het gevorderde straat- en contactverbod af wegens onvoldoende aannemelijkheid van een reële dreiging en onbepaaldheid van het straatverbod.