Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties A tot en met D
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
Rechtbank Limburg
Partijen sloten een huurovereenkomst voor een leegstaand hotel dat werd gebruikt voor huisvesting van internationale werknemers. Na bestuursdwang wegens brandveiligheid moesten de bewoners het pand verlaten en werd een ander pand tijdelijk betrokken zonder nieuwe huurovereenkomst, waarbij de oorspronkelijke afspraken bleven gelden.
Ciseli zegde de huur op wegens het wegvallen van haar opdrachtgever, met een overeengekomen opzegtermijn van één maand. De rechtbank oordeelde dat Ciseli een deel van de huur over december 2024 verschuldigd was, maar wees de rest van de huurvordering af. De gevorderde kosten voor nutsvoorzieningen werden afgewezen omdat hierover geen duidelijke afspraken waren gemaakt en Ciseli niet geïnformeerd was.
Ten aanzien van de oplevering was geen begininspectie opgesteld, waardoor volgens de wet wordt vermoed dat de staat bij aanvang gelijk was aan die bij oplevering. [Eiser] slaagde er niet in tegenbewijs te leveren dat het gehuurde slechter was opgeleverd, waardoor de vorderingen voor schoonmaak- en opleverkosten werden afgewezen.
De buitengerechtelijke kosten werden deels toegewezen naar rato van de toegewezen hoofdsom. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Ciseli wordt veroordeeld tot betaling van een deel van de huurachterstand en buitengerechtelijke kosten, terwijl overige vorderingen worden afgewezen.