Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord;
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;
Rechtbank Limburg
Wonen Limburg verhuurt sinds 2019 een woning en vanaf 2021 een parkeerplaats aan de huurder. De huurovereenkomst was aanvankelijk gekoppeld aan een zorgovereenkomst die in 2021 werd beëindigd vanwege problematisch gedrag en bedreigingen van de huurder.
Vanaf februari 2025 heeft de huurder medewerkers van Wonen Limburg en door haar ingeschakelde derden herhaaldelijk beledigd, geïntimideerd en bedreigd, ondanks meerdere waarschuwingen en een contactverbod. Dit gedrag leidde tot een onhoudbare situatie, waarbij de verhuurder gerechtelijke ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming vorderde.
De huurder voerde verweer met een beroep op de tenzij-bepaling van artikel 6:265 BW Pro, stellende dat hij zich voor en na de periode van overtredingen als goed huurder had gedragen en dat zijn woonbelang zwaarder zou moeten wegen.
De kantonrechter oordeelde dat de ernstige tekortkoming in het verleden niet ongedaan wordt gemaakt door het huidige gedrag en dat de belangen van Wonen Limburg bij beëindiging van de huurovereenkomst zwaarder wegen dan het woonbelang van de huurder. De ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming werden toegewezen, met een termijn van veertien dagen na betekening van het vonnis. Tevens werd het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen wegens ernstig tekortschieten door intimidatie en bedreiging.