ECLI:NL:RBLIM:2026:2239

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
18 maart 2026
Publicatiedatum
10 maart 2026
Zaaknummer
10790486 \ CV EXPL 23-4908
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Quaedackers
  • Bisscheroux
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vorderingen wegens niet vastgestelde aansprakelijkheid voor schade en vochtproblemen woning

Eiser vordert schadevergoeding van gedaagden wegens een gat en sloopwerkzaamheden aan een dragende muur en vochtproblemen in zijn woning. Na deskundigenonderzoek concludeert de deskundige dat de scheurvorming en vochtproblemen niet zijn veroorzaakt door het hak- en breekwerk van gedaagden. Het gemeten vocht betreft optrekkend vocht en de schade aan het gat is reeds hersteld.

De deskundige stelt dat de topgevel van gedaagden voor de renovatie al niet in goede staat verkeerde, maar dat de vochtproblemen in de woning van eiser vooral zijn veroorzaakt door een niet-waterdichte aansluiting van de goot op de dakplaten van eiser. De kantonrechter acht het deskundigenrapport overtuigend en wijst de stellingen van eiser dat het onderzoek onvolledig of partijdig zou zijn, af.

Op basis van het deskundigenrapport komt de aansprakelijkheid van gedaagden niet vast te staan. De vorderingen van eiser worden daarom afgewezen. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten van € 1.800,00. Het vonnis is gewezen door mr. Quaedackers en uitgesproken door mr. Bisscheroux op 18 maart 2026.

Uitkomst: De vorderingen van eiser worden afgewezen wegens het ontbreken van vastgestelde aansprakelijkheid voor de schade en vochtproblemen.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10790486 \ CV EXPL 23-4908
Vonnis van 18 maart 2026
in de zaak van
[eiser],
wonend te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. A.C. Dabekaussen,
tegen

1.[gedaagde 1] ,

2.
[gedaagde 2],
beiden wonend te [plaats] ,
gedaagde partijen,
gemachtigden: mr. S. Khanlarov en mr. D.L. Vissers.

1.De procedure

1.1.
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit
  • het vonnis van 19 maart 2025
  • het deskundigenbericht van 26 november 2025
  • de conclusies na deskundigenbericht van beide partijen.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
De deskundige heeft op 26 november 2025 zijn definitieve rapport uitgebracht.
Gat in de muur en sloop deel (spouw)muur
2.2.
Naar de mening van de deskundige heeft de beschadigde muur weliswaar een dragend karakter, maar kan de scheurvorming in de scheidingsmuur tussen [eiser] en [gedaagden]. niet zijn ontstaan door het hak- en breekwerk van [gedaagden]. Ook het loslatend stucwerk in de woning van [eiser] heeft geen enkele relatie daarmee. Het gemeten vocht is optrekkend vocht. De door het hak- en breekwerk ontstane schade - de kantonrechter begrijpt uit het antwoord op de vragen 2 en 3 dat dit alleen ziet op het gemaakte gat - is reeds hersteld.
Dakspits / nokgevel
2.3.
Naar de mening van de deskundige verkeerde de topgevel van [gedaagden]., voordat de renovatiewerkzaamheden van medio 2024 plaatsvonden, niet in een geweldige staat van onderhoud. Vochtvorming in de woning van [eiser] is in principe mogelijk. De topgevel van [gedaagden]. is een steens muur die met een flinke laag mortel is bezet. De gevel kan alleen verzadigd raken bij zware en langdurige regenbuien en harde wind op de gevel. De gevel is echter zuid-zuid-oost georiënteerd, zodat de geschetste situatie zich niet snel zal voordoen. De vochtvorming in de woning van [eiser] is ontstaan doordat de aansluiting van de goot van [eiser] op de dakplaten niet waterdicht is opgeleverd.
Oordeel kantonrechter
2.4.
De kantonrechter acht de bevindingen van de deskundige overtuigend en neemt deze over. De deskundige is in afdoende mate ingegaan op de kritiek van partijen. Dat het onderzoek zou zijn gebaseerd op een onvolledig feitencomplex, zoals door [eiser] is aangevoerd, is de kantonrechter niet gebleken. Ook is de kantonrechter niet gebleken, zoals door [eiser] is gesteld, dat de deskundige buiten zijn rol en bevoegdheid zou zijn getreden en de schijn van partijdigheid zou hebben gewekt. Voor het gelasten van een nieuw deskundigenonderzoek is geen plaats.
2.5.
Aansprakelijkheid van [gedaagden]. voor schade aan de woning van [eiser] door het gat in de muur en de sloop van een deel van de muur is, gelet op het deskundigenonderzoek, niet komen vast te staan en evenmin is komen vast te staan dat de door [eiser] ondervonden vochtproblematiek is toe te schrijven aan de slechte staat van de topgevel van [gedaagden] . Dat brengt mee dat de vorderingen van [eiser] voor afwijzing gereed liggen.
Proceskosten
2.6.
[eiser] wordt als de in het ongelijk gestelde partij verwezen in de proceskosten. De kosten aan de zijde van [gedaagden]. worden begroot op € 1.800,00 salaris gemachtigde (5 punt x € 360,00).
3. De beslissing
De kantonrechter
3.1.
wijst de vorderingen af,
3.2.
veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 1.800,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.3.
verklaart onderdeel 3.2. van dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Quaedackers en in het openbaar uitgesproken door mr. Bisscheroux op 18 maart 2026.