Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBLIM:2026:2132

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
11 maart 2026
Publicatiedatum
4 maart 2026
Zaaknummer
C/03/347138 / HA ZA 25-485
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Etman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 220 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot verwijzing procedure naar Ondernemingskamer wegens ontbreken gelijke rang

In deze civiele procedure vordert Isy B.V. primair dat de rechtbank de procedure verwijst naar de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam, vanwege feitelijke, juridische en economische verknochtheid met een andere procedure aldaar. De hoofdzaak betreft een vordering van Hit Online Shops B.V. tot betaling van een rekening-courantschuld.

De rechtbank oordeelt dat verwijzing op grond van artikel 220 lid 1 Rv Pro alleen mogelijk is tussen rechters van gelijke rang, zoals rechtbanken onderling of hoven onderling. Omdat de Ondernemingskamer een bijzondere kamer van het gerechtshof is, is er geen sprake van gelijke rang met de rechtbank. Daarom wordt het verzoek tot verwijzing afgewezen.

De subsidiaire vordering tot aanhouding van de procedure wordt eveneens afgewezen, omdat de beslissing daarover aan de hoofdzaakrechter is voorbehouden. Isy wordt veroordeeld in de proceskosten van het incident. De zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling van de hoofdzaak.

Het vonnis is gewezen door rechter Etman en op 11 maart 2026 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Verzoek tot verwijzing van de procedure naar de Ondernemingskamer wordt afgewezen wegens ontbreken van gelijke rang tussen rechters.

Uitspraak

RECHTBANK Limburg

Civiel recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: C/03/347138 / HA ZA 25-485
Vonnis in incident van 11 maart 2026
in de zaak van
HIT ONLINE SHOPS B.V.,
te Herten, gemeente Roermond,
eisende partij in de hoofdzaak,
verwerende partij in het incident,
hierna te noemen: Hit Online,
advocaat: mr. E. Acda-Vanoka,
tegen
ISY B.V.,
te Brunssum,
gedaagde partij in de hoofdzaak,
eisende partij in het incident,
hierna te noemen: Isy,
advocaat: mr. R.R.H.J. Ramakers.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding met producties 1 t/m 12,
  • de incidentele conclusie tot verwijzing ex artikel 220 Rv Pro met productie 1,
  • de conclusie van antwoord in het incident.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2.Het geschil

In de hoofdzaak
2.1.
Hit Online vordert in de hoofdzaak dat de rechtbank bij vonnis voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Isy veroordeelt tot
directe aflossing van de rekening-courant schuld aan Hit Online van € 84.374,00 binnen uiterlijk zeven dagen na datum vonnis,
betaling van de wettelijke handelsrente over € 84.374,00 vanaf 14 maart 2025, dan wel vanaf 14 april 2025,
betaling van de proceskosten, de wettelijke rente daarover en de nakosten.
In het incident
2.2.
Isy vordert in het incident (primair) verwijzing van de procedure op grond van artikel 220 Rv Pro naar de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam, dan wel (subsidiair) de procedure aan te houden totdat de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam eindarrest heeft gewezen in de procedure met zaaknummer 200.351.246/01.
2.3.
Isy legt aan die incidentele vorderingen ten grondslag dat sprake is van feitelijke, juridische en economische verknochtheid tussen de beide procedures. De rekening-courantverhouding, waarop de hoofdzaak ziet, maakt volgens Isy integraal onderdeel uit van de vaststelling van de waarde van de aandelen in Hit Online. De procedure bij de Ondernemingskamer handelt over de overname van die aandelen. Een afzonderlijke beoordeling van de rekening-courantvordering door de rechtbank in de hoofdzaak brengt volgens Isy het reële risico met zich dat tegenstrijdige of onverenigbare beslissingen ontstaan.
2.4.
Het verweer van Hit Online strekt tot afwijzing van de incidentele vorderingen.

3.De beoordeling

3.1.
Ingevolge het bepaalde in artikel 220 lid 1 Rv Pro kan, in het geval dat een zaak verknocht is aan een zaak die reeds bij een andere gewone rechter van gelijke rang aanhangig is, verwijzing naar die andere rechter worden gevorderd.
3.2.
De rechtbank oordeelt dat niet is voldaan aan de in artikel 220 Rv Pro genoemde voorwaarden, zodat de primaire vordering tot verwijzing zal worden afgewezen. De rechtbank overweegt daartoe als volgt.
3.2.1.
Vast staat tussen partijen dat op 30 oktober 2024 in een procedure tussen mevrouw [persoon 1] , Isy en Hit Online enerzijds en de
heer [persoon 2] en D.T.F.G. B.V. anderzijds een vonnis is gewezen door deze rechtbank, locatie Roermond. [persoon 1] en Isy zijn van dat vonnis in hoger beroep gekomen bij de Ondernemingskamer van gerechtshof Amsterdam. Die procedure is daar aanhangig onder zaaknummer 200.351.246/01. Geïntimeerden in die procedure zijn [persoon 2] en D.T.F.G. B.V. Isy vordert verwijzing van de hoofdzaak naar die procedure.
3.2.2.
Gewone rechters van gelijke rang zijn kantonrechters ten opzichte van elkaar, rechtbanken ten opzichte van elkaar en hoven ten opzichte van elkaar. Het is dus niet mogelijk verwijzing te vorderen van een procedure aanhangig bij de rechtbank naar een procedure aanhangig bij het gerechtshof. De vordering tot verwijzing zal daarom worden afgewezen.
3.3.
Met betrekking tot de subsidiaire vordering tot aanhouding van de beslissing in de hoofdzaak oordeelt de rechtbank dat die beslissing is overgelaten aan de rechter die de hoofdzaak zal behandelen, zodat de rechtbank daarop bij de beoordeling van dit incident niet vooruit kan lopen.
3.4.
Isy zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van dit incident. De kosten van Hit Online worden begroot op € 653,00 (1 punt x tarief II).

4.De beslissing

in het incident
4.1.
wijst het primair en subsidiair gevorderde af,
4.2.
veroordeelt Isy in de proceskosten van € 653,00,
4.3.
verklaart dit vonnis voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,
in de hoofdzaak
4.4.
verwijst de zaak naar de rol van
woensdag 22 april 2026voor conclusie van antwoord aan de zijde van Isy.
Dit vonnis is gewezen door mr. Etman en in het openbaar uitgesproken op 11 maart 2026.