ECLI:NL:RBLIM:2026:1496

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
12 februari 2026
Zaaknummer
12038631 \ EZ VERZ 25-536
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Dohmen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:193 lid 1 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging verwerping nalatenschap namens minderjarige grootvader

Op 16 november 2025 is de grootvader van de minderjarige overleden. De wettelijk vertegenwoordigers van de minderjarige hebben bij de rechtbank Limburg een verzoek ingediend om machtiging te verkrijgen om namens de minderjarige de nalatenschap van de overledene te verwerpen.

De kantonrechter heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van de wettelijke criteria en heeft vastgesteld dat er sprake is van een negatieve nalatenschap. De verzoekers hebben voldoende aannemelijk gemaakt dat het saldo van de nalatenschap negatief is, wat het uitgangspunt is voor het toewijzen van een dergelijk verzoek.

De kantonrechter oordeelt dat het verlenen van de machtiging in het belang van de minderjarige is en dat er geen feiten of omstandigheden zijn die zich tegen de toewijzing verzetten. Tevens is gewezen op de procedurele vereisten voor het daadwerkelijk verwerpen van de nalatenschap, waaronder het afleggen van een verklaring binnen drie maanden na het toekomen van de nalatenschap.

De beschikking is op 13 februari 2026 in het openbaar uitgesproken door mr. Dohmen.

Uitkomst: Machtiging verleend om namens minderjarige de nalatenschap van de grootvader te verwerpen wegens negatieve nalatenschap.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: 12038631 \ EZ VERZ 25-536
Beschikking erfrecht van de kantonrechter van 13 februari 2026
Naar aanleiding van het verzoek van:

1.[verzoeker 1] ,

te [plaats 1] ,
2.
[verzoeker 2],
te [plaats 2] ,
verzoekers,
in de hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordigers van de minderjarige:
[minderjarige], geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedag 1] 2010.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 30 december 2025,
- de aanvullende stukken, zoals ontvangen op 4 februari 2026,
- de aanvullende toelichting, zoals ontvangen op 11 februari 2026.

2.De feiten

2.1.
Op 16 november 2025 is te [plaats 2] overleden de heer
[de overledene], geboren te [geboorteplaats 2] op [geboortedag 2] 1951 (hierna te noemen: de overledene).
2.2.
De overledene is de grootvader van de minderjarige.

3.Het verzoek

3.1.
Verzoekers vragen de kantonrechter machtiging te verlenen om namens hun minderjarig kind de nalatenschap van de overledene te kunnen verwerpen.

4.De beoordeling

4.1.
Het uitgangspunt is dat het verzoek tot verwerping van een nalatenschap enkel wordt toegewezen indien sprake is van een negatieve nalatenschap. Naar het oordeel van de kantonrechter hebben verzoekers voldoende aannemelijk gemaakt dat sprake is van een negatief nalatenschapssaldo.
4.2.
De kantonrechter overweegt dat het verzoek op de wet is gegrond en dat het verlenen van de gevraagde machtiging tot verwerping in het belang van de minderjarige blijkt te zijn. Daarnaast is niet gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen inwilliging van het verzoek verzetten.
4.3.
De kantonrechter wijst er op dat met het verlenen van de gevraagde machtiging de nalatenschap nog niet is verworpen. Daartoe dient nog een verklaring te worden afgelegd ter griffie van de rechtbank van de laatste woonplaats van de overledene. Dit dient te geschieden binnen drie maanden, te rekenen vanaf het tijdstip waarop de nalatenschap de erfgenaam toekomt.

5.De beslissing

De kantonrechter
verleent [verzoeker 1] en [verzoeker 2] machtiging om namens hun minderjarig kind:
- [minderjarige] ,
de nalatenschap van de heer [de overledene] te verwerpen.
Deze beschikking is gegeven door mr. Dohmen en in het openbaar uitgesproken op
13 februari 2026.