ECLI:NL:RBLIM:2025:576
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet niet rechtsgeldig wegens onjuiste werkweigering en loonstop
Werknemer werd op 9 september 2024 op staande voet ontslagen wegens vermeende werkweigering en ontoelaatbaar gedrag. De kantonrechter oordeelt dat werknemer niet in staat was zijn eigen werk te hervatten, waardoor geen sprake was van werkweigering. De loonstop wegens weigering passend werk was terecht, aangezien werknemer de aangeboden arbeid niet heeft verricht.
Het ontslag op staande voet wordt als ultimum remedium beoordeeld en in dit geval onterecht geacht, omdat werkgeefster met een minder verstrekkende maatregel had kunnen volstaan. De kantonrechter wijst de gevorderde transitievergoeding, vergoeding wegens onregelmatige opzegging, billijke vergoeding en eindafrekening toe.
De billijke vergoeding van € 2.000,- wordt toegekend om te voorkomen dat werkgeefster in soortgelijke gevallen onterecht ontslag op staande voet toepast. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Ontslag op staande voet niet rechtsgeldig verklaard; werknemer ontvangt loon, transitievergoeding, billijke vergoeding en eindafrekening.