ECLI:NL:RBLIM:2025:257
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen opschorting en intrekking bijstandsuitkering
Verzoeker ontving sinds 2019 een bijstandsuitkering, maar het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen heeft de uitkering opgeschort en ingetrokken wegens vermoedens van zwartwerken en het niet overleggen van gevraagde gegevens. Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen deze besluiten en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 9 januari 2025 behandeld en beoordeeld of sprake is van onverwijlde spoed, een vereiste voor het treffen van een voorlopige voorziening. Omdat verzoeker voorschotten op een nieuwe aanvraag heeft ontvangen en daarmee in zijn levensonderhoud kan voorzien, is geen acute financiële noodsituatie vastgesteld.
Daarnaast is het bestreden besluit niet evident onrechtmatig, omdat verzoeker niet alle relevante bankafschriften heeft overgelegd en het college op grond daarvan het besluit tot opschorting en intrekking mocht nemen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af en ziet geen aanleiding voor vergoeding van griffiekosten. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen opschorting en intrekking van de bijstandsuitkering wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en geen evident onrechtmatigheid.