ECLI:NL:RBLIM:2025:1374

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
13 januari 2025
Publicatiedatum
13 februari 2025
Zaaknummer
C/03/336018 FA RK 24-3184
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:4 BWArt. 1:20a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek tot wijziging van voornamen wegens zwaarwegend belang

Verzoeker, geadopteerd uit de Verenigde Staten, verzoekt de rechtbank om zijn voornamen te wijzigen zodat zijn officiële voornaam overeenkomt met de naam die hij van zijn biologische ouders heeft meegekregen. Hij ervaart dagelijks ongemak en sociale overlast door zijn huidige voornaam, die niet bij zijn identiteit past en leidt tot gekscherende opmerkingen.

De rechtbank beoordeelt het verzoek aan de hand van artikel 1:4 BW Pro en concludeert dat verzoeker een zwaarwegend belang heeft bij de naamswijziging. Het verzoek is niet in strijd met de wet en de rechtbank besluit de wijziging toe te wijzen.

De griffier zal na drie maanden, indien er geen hoger beroep is ingesteld, de beschikking doorgeven aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage voor de toevoeging aan de geboorteakte. Het vonnis is gegeven door rechter S.J. Vogels en uitgesproken op 13 januari 2025.

Uitkomst: Verzoek tot wijziging van de voornamen wordt toegewezen wegens zwaarwegend belang van verzoeker.

Uitspraak

Rechtbank Limburg

Familie en jeugd
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: C/03/336018 / FA RK 24-3184
Beschikking van 13 januari 2025
op het verzoek van:
[verzoeker],
wonende te [postcode] [plaatsnaam] , [adres] ,
hierna te noemen: verzoeker,
advocaat: mr. S. van Beers.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
Dit blijkt uit het volgende:
- het verzoekschrift, binnengekomen bij de rechtbank op 30 oktober 2024.
1.2.
Verzoeker heeft aangegeven geen behoefte te hebben aan een mondelinge behandeling en verzocht de zaak op de stukken af te doen. De rechtbank ziet aanleiding om (aanstonds) zonder mondelinge behandeling de zaak schriftelijk af te doen.

2.De feiten

2.1.
Uit een overgelegd uittreksel uit het register van de burgerlijke stand van de gemeente ‘s-Gravenhage blijkt, dat in die gemeente op 11 december 2007 de beschikking van de Rechtbank Maastricht betreffende de buitenlandse adoptie-uitspraak van The Hamilton Superior Court van de staat Indiana, Verenigde Staten van Amerika van 19 april 2006 ten aanzien van verzoeker [verzoeker] , geboren te [plaatsnaam] (VS) op [geboortedatum] 2005 is ingeschreven.

3.Het verzoek

3.1.
Het verzoek houdt in de voornamen van verzoeker te wijzigen in [verzoeker] .
3.2.
Ter onderbouwing van zijn verzoek heeft verzoeker naar voren gebracht dat hij als baby geadopteerd is uit de VS en van zijn ouders de naam [verzoeker] heeft gekregen. In het dagelijkse leven heeft verzoeker last heeft van zijn huidige voornaam [verzoeker] . Verzoeker heeft een zwarte huidskleur en telkens wanneer hij zich voorstelt aan derden wordt hij geconfronteerd met mensen die zijn voornaam betitelen als “ [bijnaam] ” en worden in dat kader gekscherende opmerkingen gemaakt. Daarnaast wordt verzoeker regelmatig geconfronteerd met mensen die hem vragen of [verzoeker] daadwerkelijk zijn voornaam is. Dit aangezien men bij de naam [verzoeker] een typisch Hollandse jongen verwacht. Om te voorkomen dat hij meerdere malen per dag uitleg moet geven over zijn naam heeft verzoeker besloten om zich voortaan bij iedereen in zijn omgeving voor te stellen bij zijn geboortenaam [verzoeker] zijnde de voornaam die hij van zijn biologische ouders heeft meegekregen. Verzoeker voelt zich optimaal gelukkig met deze naam en kan zich hiermee volledig identificeren. Het is dan ook de vurige en wel overdachte wens van verzoeker om zijn officiële voornaam in lijn te brengen met zijn echte naam. Door de huidige voornaam [verzoeker] als derde naam te plaatsen kan verzoeker de mensen die hem onder die naam kennen uitleggen dat dit zijn derde voornaam is, zonder het verhaal uit de doeken te hoeven doen. Daarnaast wenst verzoeker deze naam te behouden als eerbetoon aan zijn ouders die hem deze voornaam hebben meegegeven en vanwege het feit dat verzoeker de naam [verzoeker] momenteel als ‘artiestennaam’ gebruikt.

4.De beoordeling

4.1.
Artikel 1:4, vierde lid, BW geeft de rechter de (discretionaire) bevoegdheid op verzoek van de betrokken persoon de wijziging te gelasten van de voornaam van de betrokken persoon. Voor zo’n verzoek moet een zwaarwichtig belang bestaan. Bepalend bij de vraag of sprake is van een zwaarwichtig belang, is de mate van ongemak en/of overlast die de betrokkene in het dagelijks leven van zijn voornaam ondervindt. Daarbij dienen alle feiten en omstandigheden te worden meegewogen. Daarnaast dient het verzoek te worden getoetst aan artikel 1:4 lid 2 BW Pro.
4.2.
De rechtbank is van oordeel dat uit het verzoekschrift voldoende blijkt dat verzoeker een zwaarwegend belang heeft het wijzigen van zijn voornamen. Verzoeker heeft aangevoerd dat hij last ervaart van de voornaam ‘ [verzoeker] ’ omdat men deze voornaam niet bij verzoeker vindt passen en daar gekscherende opmerkingen over worden gemaakt. Verzoeker heeft aangevoerd dat hij zich identificeert met zijn tweede voornaam: ‘[verzoeker]’. Deze naam heeft hij van zijn biologische ouders gekregen en verzoeker stelt zich inmiddels ook voor met deze voornaam. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen, nu het ook niet strijdig is met de wet.
2.6.
Op grond van artikel 1:4 lid 4 BW Pro geschiedt de wijziging van de voornamen doordat van de beschikking een latere vermelding aan de akte van geboorte van de betrokken persoon wordt toegevoegd, overeenkomstig artikel 1:20a lid 1 BW. In verband daarmee dient de griffier niet eerder dan drie maanden na de dag van deze beschikking, en voor zover daartegen geen hoger beroep is ingesteld, een afschrift van de beschikking te zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage.

5.De beslissing

De rechtbank:
5.1.
gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ‘s-Gravenhage de voornamen van [verzoeker] , geboren te [plaatsnaam] (VS) op
[geboortedatum] 2005 te wijzigen in
[verzoeker] ;
5.2.
bepaalt dat de griffier niet eerder dan drie maanden na de dag van deze beschikking, en voor zover daartegen geen hoger beroep is ingesteld, een afschrift daarvan zal zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ‘s-Gravenhage, in verband met de toevoeging aan de geboorteakte van het kind van de latere vermelding betreffende de wijziging van de voornamen.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.J. Vogels, rechter en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van mr. J.A.J. Aquina, griffier op 13 januari 2025.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:
a. door de verzoekende partij en degenen aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden, binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen 3 maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.