In deze zaak hebben de passagiers, vertegenwoordigd door hun gemachtigde Yource B.V., Corendon Dutch Airlines B.V. aangeklaagd wegens een vertraging van 3,36 uur van vlucht CD924 van Heraklion naar Maastricht. De passagiers vorderen een schadevergoeding van € 4.186,85, gebaseerd op de Verordening (EG) nr. 261/2004, die compensatie regelt voor luchtreizigers bij vertragingen. Corendon heeft verweer gevoerd en stelt dat de vertraging het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk beslissingen van de luchtverkeersleiding. De kantonrechter heeft vastgesteld dat de passagiers recht hebben op compensatie, tenzij Corendon kan aantonen dat de vertraging het gevolg was van omstandigheden buiten hun invloed. De rechter heeft geoordeeld dat de vertraging inderdaad het gevolg was van beslissingen van de luchtverkeersleiding, wat als een buitengewone omstandigheid wordt beschouwd. Hierdoor hebben de passagiers geen recht op compensatie, en is hun vordering afgewezen. De passagiers zijn in het ongelijk gesteld en moeten de proceskosten van Corendon betalen, die zijn vastgesteld op € 677,00. Het vonnis is uitgesproken op 31 december 2025 door kantonrechter mr. A.H.M.J.F. Piëtte.