Uitspraak
1.De procedure
- de brief met bijlagen van [gedaagde] die bij de rechtbank is binnengekomen op 1 juli 2025 en die wordt aangemerkt als de conclusie van antwoord;
- de brief van [gedaagde] die bij de rechtbank is binnengekomen op 7 oktober 2025 en die wordt aangemerkt als de conclusie van dupliek.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
- een bedrag van € 11.362,78, te vermeerderen met de overeengekomen rente van 3,5% per maand met ingang van 7 juni 2025, tot de dag van volledige betaling,
- een bedrag van € 2.062,35 aan contractuele buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf de dag van dagvaarding (12 juni 2025), tot de dag van volledige betaling,
- een bedrag van € 318,20 aan reeds vervallen contractuele rente,