Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
datum : 11 november 2025
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.De beoordeling
“Deze schulden zijn inmiddels inzichtelijk, bijgesteld en in behandeling om te komen tot een sanering”, waardoor niet duidelijk is wat de concrete stand van zaken is. De vraag of betrokkenen zelfredzaam kunnen worden is met
“ja”beantwoord, maar in antwoord op de vraag welke stappen zijn gezet om de betrokkenen zelfredzaam te laten worden is geantwoord:
“Zodra de schuldenvrjje positie bereikt is zal cliënt een verzoek indienen tot opheffing van de bewindvoering en zal BCMM BV enkel nog betrokken zijn als budgetcoach c.q. budgetbeheerder.”Dit is geen antwoord op de vraag en lijkt bovendien erop te wijzen dat (volledige) zelfredzaamheid niet in de lijn der verwachting ligt. Vervolgens is vermeld dat een andere maatregel moet worden ingezet. In reactie op de vraag welke maatregel beter past en waarom dit zo is, wordt is vermeld dat de bewindvoerder budgetcoaching of budgetbeheer zal inzetten zodra de schulden gesaneerd zijn. De vraag of wijziging van de grondslag van het bewind nodig is wordt vervolgens echter ook met
“ja”beantwoord, met de toelichting
“Schulden vrij en zelfredzaamheid”.
4.De beslissing
BCMM B.V., correspondentieadres te 6231 LL Meerssen, Hoekweg 10, als bewindvoerder over de goederen die (zullen) toebehoren aan
[betrokkene 1], geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedatum 1] 1965 en
[betrokkene 2],