ECLI:NL:RBLIM:2025:11888
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking rechter wegens vermeende onpartijdigheid afgewezen
Op 26 november 2025 diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen rechter-plaatsvervanger M. van der Salm in een ondertoezichtstellingszaak. Verzoeker stelde dat de rechter geen kinderrechter zou zijn, dat hij niet geïnformeerd was over een rechterswisseling, en dat er een lopende AVG-beperking speelde.
De wrakingskamer oordeelde dat de rechter wel degelijk kinderrechter is en dat dit geen grond voor wraking vormt. Ook werd vastgesteld dat de zaak op 9 oktober 2025 niet doorgegaan was en dat een nieuwe planning geen rechterswisseling inhoudt. Deze punten betreffen bovendien niet de onpartijdigheid van de rechter.
De AVG-beperking moet besproken worden tijdens de zitting, maar vormt geen grond voor wraking en richt zich niet tegen de rechter. Er zijn geen andere gronden aangevoerd die de onpartijdigheid van de rechter aantasten.
De wrakingskamer verklaarde het verzoek tot wraking kennelijk ongegrond en besloot de zaak zonder zitting af te doen, conform het Wrakingsprotocol van de rechtbank Limburg.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de rechter is kennelijk ongegrond verklaard en afgewezen.