ECLI:NL:RBLIM:2025:1103

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
5 februari 2025
Publicatiedatum
7 februari 2025
Zaaknummer
11314958 \ CV EXPL 24-4787
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 475 RvArt. 476a RvArt. 477a RvArt. 6:119 BW
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsverplichting na niet doen gerechtelijke verklaring derdenbeslag

Infomedics B.V. heeft op 21 februari 2024 executoriaal derdenbeslag gelegd onder de gedaagde voor vorderingen die een derde op de gedaagde mocht hebben. De gedaagde heeft niet binnen de wettelijke termijn van veertien dagen een verklaring gedaan zoals vereist op grond van artikel 476a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, ondanks sommatiebrieven.

Infomedics vordert daarom betaling van €817,70, gelijk aan het bedrag waarvoor beslag is gelegd, vermeerderd met de kosten van het proces-verbaal van derdenbeslag. De gedaagde voert als verweer dat zij sinds 2022 geen activiteiten meer verricht en in staat van faillissement verkeert.

De kantonrechter oordeelt dat het verweer van de gedaagde niet leidt tot ontslag van haar betalingsverplichting. De gedaagde is toegelaten alsnog een gerechtelijke verklaring te doen, maar heeft dit niet gedaan. De vordering van Infomedics wordt daarom toegewezen, inclusief de proceskosten van €780,72 en de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2024 tot aan de dag van volledige betaling.

Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is gewezen door de kantonrechter A.P.A. Bisscheroux op 5 februari 2025.

Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €817,00 met wettelijke rente en proceskosten wegens het niet doen van de gerechtelijke verklaring na derdenbeslag.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 11314958 \ CV EXPL 24-4787
Vonnis van 5 februari 2025
in de zaak van
INFOMEDICS B.V.,
te Almere,
eisende partij,
hierna te noemen: Infomedics,
gemachtigde: YARDS Deurwaardersdiensten BV,
tegen
[gedaagde],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Infomedics heeft op 21 februari 2024 ex artikel 475 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) executoriaal derdenbeslag laten onder [gedaagde] , voor (samengevat) vorderingen die [naam] op [gedaagde] mocht hebben.
2.2.
[gedaagde] heeft niet na het verstrijken van de wettelijke termijn van in dit geval veertien dagen de vereiste verklaring als bedoeld in artikel 476a Rv van gedaan, ook niet na het sturen van sommatiebrieven.

3.Het geschil

3.1.
Infomedics vordert - samengevat – betaling door [gedaagde] van een bedrag van € 817,70.
3.2.
Infomedics legt aan de vordering te grondslag dat [gedaagde] door het niet doen van de verklaring ex artikel 476a Rv, kan worden veroordeeld tot betaling van de bedragen waarvoor beslag door Infomedics is gelegd, als ware hij zelf schuldenaar, inclusief de kosten van het proces-verbaal van derdenbeslag.
3.3.
[gedaagde] heeft als enig verweer gevoerd dat zij sinds 2022 geen activiteiten meet verricht en eigenlijk in staat van faillissement verkeert.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
In artikel 476a Rv is bepaald:
1. Zodra twee weken zijn verstreken na het leggen van het beslag, is de derde verplicht verklaring te doen van de vorderingen en zaken die door het beslag zijn getroffen. Indien de geëxecuteerde de derde dit binnen twee weken na het leggen van het beslag schriftelijk verzoekt, wordt de verklaring gedaan zodra vier weken zijn verstreken na het leggen van het beslag. Is de executie geschorst op grond van een tegen de executoriale titel gericht rechtsmiddel of een tegen de executie gericht verzet, dan loopt de termijn vanaf de betekening van de uitspraak, waarbij het rechtsmiddel is verworpen of het verzet is afgewezen, dan wel de schorsing is opgeheven of geweigerd.
2.De verklaring wordt door de derde-beslagene gedagtekend en ondertekend en bevat:
a. de met redenen omklede opgave of hij al dan niet iets aan de geëxecuteerde verschuldigd is of uit een ten tijde van het beslag reeds bestaande rechtsverhouding zal worden, dan wel of hij al dan niet iets voor deze onder zich heeft;
b.de aard en het beloop van de door het beslag getroffen vorderingen en eventueel de tijdsbepalingen of voorwaarden die daaraan zijn verbonden;
c.een gespecificeerde opgave van de door het beslag getroffen zaken;
d.een opgave van eventuele andere, onder de derde-beslagene ten laste van de geëxecuteerde liggende beslagen met vermelding van de deurwaarders die ze hebben gelegd en de tijdstippen waarop ze zijn gelegd;
e.een opgave van de aan de derde-beslagene bekende pandrechten die op door het beslag getroffen goederen rusten, met vermelding van de pandhouders;
f.de verdere gegevens die voor het vaststellen van de rechten van partijen dienstig mochten zijn.
4.2.
In artikel 477a, eerste lid Rv staat voorts
Indien de derde-beslagene in gebreke blijft verklaring te doen,
wordt hij op vordering van de executant veroordeeld tot betaling van het bedrag waarvoor het beslag is gelegd als ware hij daarvan zelf schuldenaar, onverminderd zijn verplichting tot vergoeding van de schade, zo daartoe gronden zijn. De derde-beslagene tegen wie deze vordering wordt ingesteld, wordt toegelaten alsnog een gerechtelijke verklaring te doen. De kosten die in dat geval nodeloos zijn veroorzaakt, worden voor zijn rekening gebracht.
4.3.
In de dagvaarding is [gedaagde] alsnog toegelaten om de gerechtelijke verklaring ex artikel 476a Rv te doen. Dat heeft zij niet gedaan.
4.4.
[gedaagde] heeft de vordering van Infomedics inhoudelijk niet betwist. Infomedics heeft de vordering ook onderbouwd door overlegging van het exploot derdenbeslag. De vordering is toewijsbaar. Dat [gedaagde] volgens eigen zeggen in betalingsonmacht verkeert ontslaat haar niet van haar betalingsverplichting. De gevorderde hoofdsom wordt toegewezen.
4.5.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Infomedics worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
115,22
- griffierecht
328,00
- salaris gemachtigde
270,00
(2 punten × € 135,00)
- nakosten
67,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
780,72

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen een bedrag van € 817,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over het toegewezen bedrag, met ingang van 1 augustus 2024, tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 780,72, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.P.A. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 5 februari 2025.