2.6.Op 6 november 2024 heeft er een gesprek plaatsgevonden tussen [verweerster] en haar leidinggevenden. Daarin is zij geconfronteerd met de bevindingen uit de controle. Van dit gesprek is een gespreksverslag gemaakt waarin - onder meer - het volgende is opgenomen:
“(…) Vervolgens vraagt mevrouw [naam 1] of de opgedragen werkzaamheden enkel en alleen zijn gericht op buitenlandse belastingplichtigen. Dit werd door mevrouw [verweerster] bevestigd. Het behandelen van binnenlandse belastingplichtigen behoort niet tot haar taak.
(…)
De heer [naam 2] vraagt hoe verklaart kan worden dat tweemaal de post van een binnenlandse belastingplichtige ambtshalve is verminderd met het user-ID van mevrouw [verweerster] . Mevrouw [verweerster] weet dit niet (…)
De heer [naam 2] vraagt vervolgens aan mevrouw [verweerster] of ze weleens haar user-ID heeft gedeeld met collega’s. Mevrouw [verweerster] zegt weleens een uitzendkracht op haar user-ID te hebben laten werken, maar dan zat zij ernaast. (…) maar ze heeft daarbij nooit haar wachtwoord gegeven.
(…)
De heer [naam 2] begint het tweede deel van het gesprek en (…) of de naam ( [naam 3] , invulling door kantonrechter, hierna te noemen: [naam 3] ) haar iets zegt. Mevrouw [verweerster] geeft aan de heer ( [naam 3] , invulling door kantonrechter) te kennen. Hij woont in hetzelfde dorp en ze komt hem weleens tegen. De heer ( [naam 3] , invulling door kantonrechter) heeft aan mevrouw [verweerster] weleens een vraag gesteld. Het ging hierbij dan over dat de IACK (inkomensafhankelijke combinatiekorting, invulling door kantonrechter) niet was toegekend. Mevrouw [verweerster] heeft dit nagekeken voor de heer ( [naam 3] , invulling door kantonrechter) en hem geadviseerd om het ouderschapsplan op te sturen en bezwaar te maken tegen de aanslag.
De heer [naam 2] vraagt of dit de enige keer was dat de heer ( [naam 3] , invulling door kantonrechter) haar iets heeft gevraagd. Mevrouw [verweerster] bevestigt dit, het is besproken toen ze elkaar zijn tegengekomen in de supermarkt. (…) waarschijnlijk ergens begin 2023.
Gevraagd wordt of er nog meer contactmomenten hebben plaatsgevonden? Dit is niet het geval. Op de vraag of ze nog meer heeft gedaan voor heer ( [naam 3] , invullen kantonrechter) beantwoord mevrouw [verweerster] dat ze enkel het systeem ABS (Aanslag Belasting Systeem, invulling door kantonrechter) heeft geraadpleegd.
(…) Op de vraag of zij de heer ( [naam 3] , invulling door kantonrechter) ook een terugkoppeling heeft gegeven is het antwoord dat dit niet is gebeurd. De heer ( [naam 3] , invulling kantonrechter) is mevrouw [verweerster] de eerste keer tegengekomen in de kroeg en daar in de kroeg zijn BSN-nummer op een bierviltje opgeschreven voor mevrouw [verweerster] .
(…) Mevrouw [naam 1] vraagt ook aan mevrouw [verweerster] of ze niet heeft gedacht of dit wel of niet mag? Mevrouw [verweerster] geeft aan dat ze alleen heeft gekeken in ABS maar verder niets. (…) Mevrouw [verweerster] geeft aan het allemaal niet meer te weten. (…)
Mevrouw [naam 1] vraagt of mevrouw [verweerster] weleens bij andere, anders dan de heer ( [naam 3] , invulling door kantonrechter), naar gegevens te hebben gekeken. Dit is niet het geval geweest zegt mevrouw [verweerster] . (…) Mevrouw [verweerster] geeft aan het jaar erop, 2024, nogmaals te hebben gekeken om te zien of het nu juist is gegaan. Het tweede jaar was niet goed gegaan zag ze, maar heeft hier niets mee gedaan. Ook hier geen terugkoppeling over gegeven naar heer ( [naam 3] , invulling kantonrechter).(…)
(…) Mevrouw [verweerster] geef aan dat in de kroeg heer ( [naam 3] , invulling door kantonrechter) stond te huilen, zij dit zielig vond en hem graag wilde helpen. (…)”