Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De beoordeling
5.De beslissing
[verzoekster 2] ’;
Rechtbank Limburg
Verzoekster, geboren in het buitenland en geadopteerd door Nederlandse adoptieouders, vroeg de rechtbank om haar voornamen te wijzigen. De adoptieouders hadden destijds besloten de originele voornamen te behouden, maar verzoekster ervaart sinds haar adoptie hinder en ongemak van haar eerste voornaam. Zij gebruikt en wordt bekend onder een andere voornaam die zij officieel wil laten vastleggen.
De rechtbank beoordeelde de internationale bevoegdheid en het toepasselijke recht en stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is en Nederlands recht van toepassing is, omdat verzoekster in Nederland woont en de Nederlandse nationaliteit bezit. Op grond van artikel 1:4 BW Pro moet voornaamswijziging worden toegestaan bij een zwaarwichtig belang, waarbij de mate van ongemak in het dagelijks leven centraal staat.
De rechtbank concludeerde dat het verzoek een zwaarwichtig belang bevat, omdat verzoekster al jaren de gewenste voornaam gebruikt en zo bekendstaat. Het verzoek werd daarom toegewezen. De griffier zal na drie maanden, indien geen hoger beroep wordt ingesteld, de wijziging aan de geboorteakte toevoegen.
Uitkomst: Verzoek tot wijziging van de voornamen wordt toegewezen vanwege het zwaarwichtig belang van verzoekster.