Uitspraak
1.De procedure
- de schriftelijke weergaven van het mondelinge antwoord.
Rechtbank Limburg
VGZ Zorgverzekeraar heeft een zorgverzekeringsovereenkomst met de verzekerde gesloten, waarbij de verzekerde in gebreke bleef met het betalen van de zorgpremie, het eigen risico en/of de eigen bijdrage. VGZ vordert betaling van €2.500, inclusief rente en incassokosten, waarvan een deel reeds door de verzekerde erkend is.
De verzekerde verscheen op de zitting, erkende de hoofdsom en gaf aan de helft van het bedrag al betaald te hebben en een betalingsregeling te willen treffen, maar leverde geen bewijs van betaling. De rechtbank oordeelt dat de hoofdsom van €2.095,05 toewijsbaar is, evenals de wettelijke rente vanaf de dagvaarding.
De kantonrechter veroordeelt de verzekerde tot betaling van het gevorderde bedrag plus rente en proceskosten van €713,39, verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst het meer of anders gevorderde af.
Uitkomst: De verzekerde wordt veroordeeld tot betaling van €2.500 plus wettelijke rente en proceskosten.