ECLI:NL:RBLIM:2024:575
Rechtbank Limburg
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot heropening vereffening wegens ontbreken bate en schuldeiser
Verzoekster heeft bij de rechtbank Limburg een verzoek ingediend tot heropening van de vereffening van een vennootschap die op 31 december 2003 is ontbonden en via turboliquidatie is opgehouden te bestaan. De vennootschap heeft nog een inschrijving van een hypotheekrecht in de openbare registers van het Kadaster, welke niet is doorgehaald.
Verzoekster, als erfgenaam en belanghebbende, wil dat de vennootschap herleeft zodat de inschrijving van het hypotheekrecht kan worden doorgehaald. De rechtbank overweegt dat artikel 2:23c BW heropening van de vereffening mogelijk maakt indien een schuldeiser of gerechtigde tot het saldo opkomt of wanneer een bate blijkt.
In deze zaak is echter geen sprake van een bate of schuldeiser die tot het saldo opkomt; de inschrijving van het hypotheekrecht vertegenwoordigt geen vermogensrechtelijke waarde. Daarom wijst de rechtbank het verzoek af. De rechtbank wijst er op dat verzoekster de goederenrechtelijke weg van artikel 3:29 BW Pro kan volgen om het gewenste resultaat te bereiken.
Uitkomst: Het verzoek tot heropening van de vereffening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een bate of schuldeiser die tot het saldo opkomt.