ECLI:NL:RBLIM:2024:5119
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.M.J. Quaedvlieg
- K.G. Witteman
- J. Trifunović
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs afpersing ondanks bedreigingen
De rechtbank Limburg behandelde op 16 juli 2024 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van afpersing van het slachtoffer in de periode van september 2019 tot mei 2022. De officier van justitie vorderde bewezenverklaring op basis van verklaringen van het slachtoffer, getuigenverklaringen en audiofragmenten.
De verdediging betoogde dat alleen het slachtoffer de bedreigingen noemde en dat diens verklaringen inconsistent en ongeloofwaardig waren. Verdachte erkende een geldbedrag van €6.000,- te hebben gevraagd, maar ontkende bedreigingen of geweld.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van het slachtoffer niet betrouwbaar zijn en onvoldoende bewijs is geleverd voor bedreiging of geweld. Getuigenverklaringen en opgenomen gesprekken tonen een amicale geldvraag zonder dreiging. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van afpersing.
De voorlopige hechtenis werd opgeheven en het vonnis werd uitgesproken op 30 juli 2024 door een meervoudige kamer.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van afpersing wegens onvoldoende betrouwbaar bewijs.