ECLI:NL:RBLIM:2024:4596
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing moratorium en niet-ontvankelijkheid schuldsaneringsverzoek wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende hulpverlening
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling en een voorlopige voorziening om de executie van een ontruimingsvonnis op te schorten. De rechtbank stelt vast dat verweerder uitvoering wil geven aan het vonnis, waardoor het spoedeisend belang aanwezig is en verzoekster ontvankelijk is.
De rechtbank beoordeelt vervolgens of het verzoek tot moratorium toewijsbaar is. Verzoekster voldoet niet aan de eisen van goede trouw en nakoming van verplichtingen zoals gesteld in artikel 284 lid 1 Faillissementswet Pro. Zij ontving een erfenis die voldoende was om haar schulden te voldoen, maar heeft desalniettemin geld geleend en een groot bedrag overgemaakt voor een medische behandeling van een onbekende derde in het buitenland zonder verificatie, wat wijst op kwade trouw.
Daarnaast is haar geestelijke toestand instabiel, waardoor zij niet in staat zal zijn te voldoen aan de arbeidsverplichtingen van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank concludeert dat er geen ruimte is voor een moratorium en wijst het verzoek af. Tevens verklaart zij het schuldsaneringsverzoek niet-ontvankelijk omdat het schuldhulpverleningstraject nog niet is opgestart.
Uitkomst: Het verzoek tot moratorium wordt afgewezen en het schuldsaneringsverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard.