Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.Het geschil
3.De beoordeling
- dagvaarding € 130,48
- griffierecht € 514,00
- salaris gemachtigde €
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Eisende partij, een besloten vennootschap die medische behandelingen heeft verricht, vordert betaling van openstaande facturen van in totaal €5.926,45, vermeerderd met rente en incassokosten. Gedaagde erkent de vordering en geeft aan financiële problemen te hebben.
De kantonrechter stelt vast dat de hoofdsom niet wordt betwist en wijst deze toe. De gevorderde contractuele rente wordt afgewezen omdat deze gebaseerd is op de voorwaarden van een gemachtigde, niet van de eisende partij zelf. In plaats daarvan wordt de wettelijke rente conform art. 6:119 BW Pro toegewezen vanaf de dag van dagvaarding.
De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen omdat niet is gesteld vanaf welke datum gedaagde in verzuim is geraakt. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, wettelijke rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €5.926,45 met wettelijke rente vanaf 3 oktober 2023 en proceskosten.