ECLI:NL:RBLIM:2023:7316

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
13 december 2023
Publicatiedatum
15 december 2023
Zaaknummer
10582765 \ CV EXPL 23-2749
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4 Brussel I bis-Verordening (nr.1215/2012)Art. 4 EG-Verordening 593/2008 (Rome I)
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering buitenlandse zorginstelling wegens onvoldoende onderbouwing medische factuur

KU Leuven, een rechtspersoon naar buitenlands recht gevestigd in België, vordert betaling van een openstaande factuur voor medische prestaties die zij aan [gedaagde] zou hebben geleverd. De vordering omvat het factuurbedrag, een schadebeding en wettelijke rente. [gedaagde] betwist de behandeling door KU Leuven en stelt dat hij alleen toestemming heeft gegeven voor behandeling in het ziekenhuis van Genk, waarmee zijn zorgverzekeraar een contract heeft.

De kantonrechter stelt vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is op grond van Brussel I bis-Verordening, en dat Belgisch recht van toepassing is volgens Rome I-verordening omdat de dienstverlening in België plaatsvond. KU Leuven heeft niet gereageerd op het inhoudelijke verweer van [gedaagde], waardoor de grondslag van de vordering niet is komen vast te staan.

Daarom wijst de rechtbank de vordering af wegens onvoldoende onderbouwing. KU Leuven wordt veroordeeld in de kosten van de procedure aan de zijde van [gedaagde], begroot op € 50,00. Het vonnis is gewezen door kantonrechter P.H.M. Kuster en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De vordering van KU Leuven wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en KU Leuven wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10582765 \ CV EXPL 23-2749
Vonnis van de kantonrechter van 13 december 2023
in de zaak van:
de rechtspersoon naar buitenlands recht
UNIVERSITAIRE ZIEKENHUIZEN KU LEUVEN,
gevestigd te Leuven (België),
eisende partij,
gemachtigde D.W.J. van Leeuwen,
tegen:
[gedaagde],
wonende [adres] ,
[woonplaats] ,
gedaagde partij,
procederende in persoon.
Partijen zullen hierna worden aangeduid als KU Leuven respectievelijk [gedaagde] .

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de schriftelijke weergave van het mondelinge antwoord.
1.2.
Hoewel daartoe bij brief van de griffier van 2 augustus 2023 in de gelegenheid gesteld, heeft KU Leuven geen conclusie van repliek genomen.
1.3.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Het geschil

2.1.
KU Leuven vordert – samengevat - , bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, de veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een totaalbedrag van € 728,19, vermeerderd met de rente van 1,50% op jaarbasis over € 685,00 vanaf de dag na 24 mei 2023 tot en met de dag dat de volledige vordering is betaald en van de proceskosten.
2.2.
KU Leuven legt aan haar vordering, zakelijk weergegeven, het volgende ten grondslag.
KU Leuven heeft diverse medische prestaties geleverd aan [gedaagde] . Op de uitgevoerde behandeling zijn de betalingsvoorwaarden van KU Leuven van toepassing. Aangezien KU Leuven deze prestaties niet bij een Nederlandse zorgverzekering vergoed kan krijgen, komen zij voor rekening van [gedaagde] . Ondanks meerdere betalingsverzoeken heeft [gedaagde] de factuur van € 622,27 onbetaald gelaten. Daarnaast is [gedaagde] een schadebeding verschuldigd van 10% over de factuur met een minimum van € 40,00 verschuldigd. KU Leuven berekent dit bedrag op € 62,73. KU Leuven maakt tevens aanspraak op de Belgische wettelijke consumentenrente van 1,50% op jaarbasis. KU Leuven berekent deze rente vanaf de datum van verzuim tot en met 24 mei 2023 op € 43,19.
2.3.
[gedaagde] betwist dat hij door KU Leuven behandeld is. Hij heeft daar geen opdracht voor gegeven en nooit voor getekend. Hij is met toestemming van zijn zorgverzekeraar behandeld in het ziekenhuis van Genk. Zijn zorgverzekeraar heeft een contract met het ziekenhuis van Genk. Buiten zijn medeweten is het ziekenhuis van Leuven ingeschakeld. Genk heeft een budget gekregen en met dat ziekenhuis zijn afspraken gemaakt.

3.De beoordeling

Bevoegdheid
3.1.
Eisende partij heeft woonplaats in het buitenland. De kantonrechter stelt vast dat op grond van het bepaalde in art. 4 van Pro de Brussel I bis-Verordening (nr.1215/2012) de Nederlandse rechter, en meer in het bijzonder de kantonrechter te Maastricht, bevoegd is van het geschil kennis te nemen, nu gedaagde partij woonplaats heeft op het grondgebied van Nederland, en meer in het bijzonder binnen de geografische bevoegdheid van de kantonrechter te Maastricht.
3.2.
Partijen hebben geen rechtskeuze gemaakt. Ingevolge artikel 4 van Pro de EG-Verordening 593/2008 (Rome I) is op de tussen partijen gesloten overeenkomst dan Belgisch recht van toepassing, nu de dienstverlening heeft plaatsgevonden te België.
Inhoudelijke beoordeling
3.3.
[gedaagde] heeft de vordering van KU Leuven gemotiveerd weersproken. Omdat KU Leuven niet heeft gereageerd op het inhoudelijke verweer van [gedaagde] , kan niet worden vastgesteld of de grondslag van de vordering van KU Leuven juist is. De vordering wordt dan ook als onvoldoende onderbouwd afgewezen.
3.4.
KU Leuven zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op
€ 50,00 aan reis- en verletkosten.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1.
wijst het gevorderde af,
4.2.
veroordeelt KU Leuven in de kosten van de procedure aan de zijde van [gedaagde] gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 50,00.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.H.M. Kuster en in het openbaar uitgesproken.
type: JEC