Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
“wacht effe binnen 10 seconden kom ik er aan”. Vervolgens waren twee personen op een (motor)scooter of motorfiets komen aanrijden. De passagier was afgestapt, had een wapen uit een soort van schoudertasje gepakt en had op [slachtoffer] geschoten. Er werd niets gezegd door de personen op de (motor)scooter of motorfiets. [4] Beide personen op de motor droegen een integraalhelm. [5]
.000,-- te betalen. Hierdoor was het gehele conflict tussen [slachtoffer] en [medeverdachte 1] ontstaan. [slachtoffer] vond dat hij tegenover deze jongen hierdoor gezichtsverlies leed. Toen [slachtoffer] later in detentie verbleef, vernam hij dat zijn jongen flinke klappen had gekregen van [medeverdachte 1] en vijf andere personen. Na de aanval op zijn jongen wilde [slachtoffer] [medeverdachte 1] persoonlijk zien. [12]
,actief zijn geweest, vonden 124 telefonische contacten plaats tussen beide telefoonnummers. [48]
de rechtbank begrijpt: [slachtoffer] )heeft geappt en dat hij nog geen antwoord heeft gekregen. Daarna appt [medeverdachte 2] met [slachtoffer] en zegt dat ze moeten kijken voor een locatie, waarna [slachtoffer] een audiofragment naar [medeverdachte 2] stuurt, met de inhoud: “Wat bedoel je locatie, welke locatie? (…) Je komt toch met hem naar mij toe?” en later: “Je kan gewoon naar mij thuis komen.” Er vindt dan een telefoongesprek plaats tussen [slachtoffer] en [medeverdachte 2] . [medeverdachte 2] laat daarna aan [medeverdachte 1] weten “acht uur belt die me” en “dan hoor ik meer.”
“Luister maat, ik ben er, het is hier afgestorven man. Wie komt hier nou? What the fuck is dit voor rare plaats? Hier is in geen 10 miljoen jaar iemand geweest.” [66] [medeverdachte 2] vroeg vervolgens in dat gesprek aan [slachtoffer] om even te wachten en zei dat hij, [medeverdachte 2] , er over 10 seconden zou zijn. [67]
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren en negen maanden;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] , ten aanzien het bewezenverklaarde feit, toe en veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] , van een bedrag van € 178.840,-, bestaande uit € 3.840,- aan materiële schade en € 175.000,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 12 september 2020 tot aan de dag der algehele voldoening;
- bepaalt dat voor zover het bedrag van € 178.840 door de mededader(s) is betaald, de veroordeelde niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen;
- veroordeelt verdachte tevens hoofdelijk in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;
- legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer] een bedrag van € 178.840,- te betalen, bij niet-betaling te vervangen door 365 dagen gijzeling, met dien verstande dat de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 12 september 2020;
- bepaalt dat voor zover voornoemd bedrag door de mededader(s) is betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de staat te betalen;
- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd.