De man heeft de vrouw in kort geding gedagvaard wegens het ontbreken van omgang met hun kinderen, voortkomend uit een beëindigde buitenechtelijke relatie. De vrouw is niet verschenen, waarna verstek is verleend. De man vordert een onbegeleide omgangsregeling op zaterdagen, waarbij hij de kinderen ophaalt en terugbrengt, met een dwangsom bij niet-nakoming.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de man sinds het beëindigen van de relatie (tot 8 oktober 2022) begeleide omgang had met de kinderen en dat het belang van de kinderen bij omgang groot is. De gevorderde regeling wordt niet onrechtmatig geacht en wordt toegewezen. Gezien eerdere weigeringen van de vrouw om medewerking te verlenen, wordt een dwangsom van €250 per dag met een maximum van €5.000 opgelegd.
De proceskosten worden niet toegewezen maar gecompenseerd, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en geldt totdat in de bodemprocedure een andere regeling wordt getroffen of partijen onderling overeenkomen.