ECLI:NL:RBLIM:2022:4365
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende re-integratie in eigen werk leidt tot handhaving loonsanctie
Werknemer was sinds 1994 docent en viel in 2017 ziek uit. Verweerder legde aan eiseres een loonsanctie op wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen, met name in spoor 1. De functionele mogelijkhedenlijst gaf aan dat werknemer beperkt was tot voorspelbare werksituaties zonder leidinggevende taken, wat niet overeenkomt met het docentenvak.
Eiseres betwistte dit, stellende dat het werk voorspelbaar was en dat docenten geen leidinggevende taken hebben. De rechtbank oordeelde dat de werkomstandigheden door wisselende leerlingen en leidinggevende aspecten inherent aan het docentschap niet voorspelbaar of zonder leidinggevende taken zijn.
De rechtbank concludeerde dat de re-integratie te lang gericht was op het eigen werk en daarom onvoldoende was. De loonsanctie werd terecht gehandhaafd. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie in spoor 1.