Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
[opposant] , te [woonplaats] , opposant
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen,
Procesverloop
Overwegingen
diezelfde(cursief rechtbank) brief heeft bericht dat de gronden van bezwaar uiterlijk op 2 december 2020 in het bezit van het college diende te zijn. De rechtbank stelt vast dat dit niet juist is. Tussen partijen is niet in geschil dat op 4 november 2020 een brief is verzonden per post die betrekking heeft op toezending van het dossier, waarin is vermeld dat het pro-forma bezwaarschrift is ontvangen. In deze brief is verder - voor zover thans van belang - vermeld dat de officiële ontvangstbevestiging van het bezwaarschrift (met daarin een termijn voor het indienen van de gronden) zo spoedig mogelijk aan opposant zal worden toegezonden. Vervolgens heeft het college op diezelfde datum een brief op elektronische wijze (per e-mail) verzonden aan de toenmalig gemachtigde van opposant met daarin opgenomen de hersteltermijn voor het indienen van de gronden van bezwaar.
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 januari 2022.