Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding van 29 september 2020, met producties 1 tot en met 19,
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie, met producties 1 tot en met 33,
- het tussenvonnis van 13 januari 2021 waarbij een mondelinge behandeling is bepaald,
- de conclusie van antwoord in reconventie, tevens akte tot wijziging van eis in conventie, met producties 20 tot en met 24,
- de akte uitlaten producties en eiswijziging Tebecon tevens akte overlegging producties en eiswijziging Bedi, met producties 34 tot en met 43,
- het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 1 juli 2021, met de pleitnotities van Tebecon en de comparitieaantekeningen van Bedi, tevens akte eiswijziging ter zitting.
2.De feiten
Project Maastricht
€ 171.183,81 ex btw (productie 1 bij dagvaarding).
“voor deze overeenkomst niet of ondeugdelijk is uitgevoerd (waaronder meer in het bijzonder begrepen de te verrichten herstelwerkzaamheden)”. Voorts wordt meegedeeld dat volgens Bedi de herstelkosten de (meerwerk)vordering van Tebecon (zullen) overstijgen en er niets meer betaald zal worden.
€ 255,00, alsmede in de wettelijke rente over de kosten, voor zover deze niet zijn voldaan binnen veertien dagen na dagtekening van het te wijzen vonnis, en daarbij het nasalaris advocaat te begroten op € 255,00, te verhogen met € 85,00 indien de proceskosten niet binnen veertiendage na dagtekening van het vonnis zijn voldaan en betekening.
€ 309.116,59, te vermeerderen met wettelijke (handels)rente vanaf 4 juli 2019, althans vanaf de dag van indienen van de eis in reconventie, tot aan de dag der algehele voldoening,
De uitvoeringskosten worden weliswaar gespecificeerd, maar aannemelijk is dat de uren zwaar zijn aangedikt om een zo hoog mogelijke schadepost te creëren. De noodzaak van de aanwezigheid en de voorbereiding van twee personen (de projectleider en de uitvoerder) bij de bouwvergadering zijdens Bedi alsook de inhoud en omvang van de voorbereidingswerkzaamheden door de werkvoorbereider worden betwist. Een herstelplan was immers al gemaakt.
4.De beoordeling
betalingvan de meerwerkfactuur slechts onder bepaalde voorwaarden zou kunnen plaatsvinden, te weten na herstel van gebreken (waaronder scheurvorming, randnr. 23 CvA in conventie) en na een correctie op minderwerk, dan laat zij na beide aspecten voldoende concreet te onderbouwen.
€ 17.654,15, zoals aangegeven in de akte tot wijziging van eis van Tebecon, kan voorts niet gerechtvaardigd worden door de betaling te koppelen aan de situatie project Heerlen (zoals gesuggereerd lijkt te worden in de e-mail van 13 maart 2020 door Bedi, zie productie 24 van Bedi pagina 2 onder punt 14) wegens het ontbreken van een directe samenhang. Gesteld noch gebleken is dat een zodanige samenhang kan worden aangenomen tussen de over en weer voortvloeiende verbintenissen (artikel 6:52 BW Pro): daar is méér voor nodig dan het sluiten van twee overeenkomsten.
“De zin: “om te horen dat onze werkzaamheden verder akkoord zijn” zijn dus niet mijn woorden!!”(eveneens productie 43 van Tebecon), en verdient het opmerking dat Bedi, als opdrachtgever, niet eens aanwezig was bij de oplevering, terwijl is gesteld noch gebleken dat zij de beoordeling van het werk aan een derde heeft overgedragen.
- REACTIE : Inzagen voegen in opstand is inderdaad deels uitgevoerd. Wij hebben hier vooraf contact over gehad met Bart Last inzake verwijderen hekwerk i.v.m. zaagwerk. Demontage van het hekwerk was echter niet mogelijk waardoor de zaagsneden slechts tot halverwege konden worden aangebracht.
- VOORSTEL : Het inzagen van de randbalken is voor uitvoering besproken in relatie tot de achterliggen oorzaken van de schadebeelden. Hierbij is aangegeven “dat pakken we dan wel even mee”. Hierna is echter volledig voorbij gegaan aan het feit dat het hekwerk hiertoe verwijderd zou moeten worden. Gezien het feit dat dit een “extraatjes” was, geeft het naar onze mening geen recht om dit een oplevering in de weg te laten staan. Uiteraard willen wij best meedenken in een mogelijke oplossing.
“Bij de TT-liggers gebeurt hetzelfde bij de opstortingen, waar geen rekening is gehouden met de dilataties. (…) De opstortingen op as C vertonen veel schade, vooral bij de dilataties. Bij het wegnemen van de losse delen blijkt dat er geen rekening is gehouden met de plaatnaden en de dilataties. Het beton ligt ter plaatse van de dilataties koud tegen elkaar aan, of de dilatatie is met mortel dicht gezet. Dit geeft bij het uitzetten van een constructie zeer hoge spanningen waarbij schade ontstaat aan het beton en mogelijk de constructie.”
€ 7.610,00kosten Solid Services
- griffierecht € 2.042,00
- salaris advocaat