Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.[gedaagde in conventie, eiser in reconventie sub 1] ,
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie sub 2],
hierna samen te noemen: [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] ,
3.[gedaagde in conventie] ,
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 7 november 2022
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
hoofdelijktot betaling van de proceskosten, aan de zijde van [eiser in conventie, verweerder in reconventie] tot dit vonnis vastgesteld op € 1.896,92, en de beslagkosten tot op heden begroot op € 1.027,86,
hoofdelijkin de kosten die na dit vonnis ontstaan, begroot op € 163,00 als bijdrage aan salaris advocaat (niet met btw belast).