Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
[naam bewindvoerster 1] (opvolgster van [naam bewindvoerster 2] ) in hoedanigheid van bewindvoerster over
[naam onderbewindgestelde],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
De vrouw en de man hebben jarenlang samengewoond alsof zij gehuwd waren en bezaten gezamenlijk een woning die met een hypothecaire lening is gefinancierd. Na beëindiging van de relatie in 2011 ontstond een geschil over de verdeling van de woning en de afwikkeling van een doorlopend krediet.
De vrouw vordert toewijzing van de woning aan de man met ontslag van haar hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheek, en machtiging tot verkoop indien de man niet binnen vier maanden het aandeel van de vrouw uitkeert. De man verzet zich tegen de verdeling vanwege de onderwaterstaande woning en vordert in reconventie betaling van de helft van het door hem afgeloste doorlopende krediet.
De rechtbank oordeelt dat de vordering tot verdeling van de gemeenschap niet verjaart, maar constateert dat de man onvoldoende bewijs heeft geleverd van volledige aflossing van het krediet. Daarom wordt de zaak aangehouden en een mondelinge behandeling gelast om nadere stukken te overleggen en de situatie nader te bespreken.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en bepaalt een mondelinge behandeling om nadere stukken te overleggen over de aflossing van het doorlopende krediet.