Uitspraak
RECHTbANK Limburg
1.Onderzoek van de zaak
- 29, 30 en 31 maart 2021,
- 6, 7, 13, 14, 19, 21, 26 en 28 april 2021,
- 3, 4, 25, 26, 27 en 28 mei 2021 en
- op 9 juli 2021 is het onderzoek gesloten.
2.De vordering van het Openbaar Ministerie
3.De beoordeling
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd, gepleegd in de periode van 13 oktober 2015 tot en met 14 mei 2016.
186.323,52 euro. Hiertoe overweegt zij het volgende.
- in elk van de drie kweekruimtes 16 planten per m2 stonden (pg. 136, 138 en 139);
- de elektriciteit legaal werd afgenomen
16.535,79 eurobetekenen.
- afschrijvingskosten: 150 euro per oogst;
- hennepstekken: 2,85 euro per stek, zijnde (182 x 2,85 =) 518,70 euro;
- overige kosten: 3,33 euro per hennepplant, zijnde (182 x 3,33 =) 606,06 euro;
- elektriciteitskosten: 140 euro per lamp, zijnde (12 x 140 =) 1.680 euro;
- knipkosten: 2 euro per plant, zijnde (182 x 2 =) 364 euro;
- totaal:
3.906,81 eurobetekenen.
- afschrijvingskosten: 150 euro per oogst;
- hennepstekken: 2,85 euro per stek, zijnde (43 x 2,85 =) 122,55 euro;
- overige kosten: 3,33 euro per hennepplant, zijnde (43 x 3,33 =) 143,19 euro;
- elektriciteitskosten: 140 euro per lamp, zijnde (2 x 140 =) 280 euro;
- knipkosten: 2 euro per plant, zijnde (43 x 2 =) 86 euro;
- totaal:
17.716,92 eurobetekenen.
- afschrijvingskosten: 150 euro per oogst;
- hennepstekken: 2,85 euro per stek, zijnde (195 x 2,85 =) 555,75 euro;
- overige kosten: 3,33 euro per hennepplant, zijnde (195 x 3,33 =) 649,35 euro;
- elektriciteitskosten: 140 euro per lamp, zijnde (9 x 140 =) 1.260 euro;
- knipkosten: 2 euro per plant, zijnde (195 x 2 =) 390 euro;
- totaal:
186.323,52 euro.
186.323,52 euroaan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Daartoe overweegt de rechtbank nog dat nu in de strafzaak niet is gebleken dat [verdachte 23] anders dan alleen de hennep heeft geteeld, de betalingsverplichting voor het volledige wederrechtelijk verkregen voordeel ook aan hem worden opgelegd.
4.Het wettelijke voorschrift
5.De beslissing
- stelt het bedrag, waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat, vast op
- legt [verdachte 23] de verplichting op tot
gijzelingdie met toepassing van artikel 6:6:25 van Pro het Wetboek van Strafvordering ten hoogste kan worden gevorderd op
1.080 dagen.