Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
Het voorgaande brengt eveneens met zich dat de rechtbank geen waarde hecht aan het relaas van de verdediging over de aanwezigheid van een breekijzer en het aantreffen daarvan in het bosperceel. Verdachte heeft bijna zes maanden gezwegen, waarna hij (nadat hij ruimschoots de tijd heeft gehad het dossier te bestuderen), is gekomen met een vage verklaring over het achterlaten van een breekijzer in het bosperceel. De later gevolgde verzoeken om naar het breekijzer te zoeken en het aantreffen daarvan door een onderzoeksbureau, weerleggen niet de bevindingen van het eerdere opsporingsonderzoek. Evenmin geven zij een alternatieve lezing die binnen de uitkomsten van het gedegen opsporingsonderzoek past. De rechtbank verwerpt het verweer reeds vanwege het feit dat het feitelijke grondslag mist en ook overigens niet aannemelijk is geworden.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor het bewezenverklaarde feit tot
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in