Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding
- het door gedaagde opgestelde stuk “betreft: aanzegging kort geding …” met een aantal niet genummerde producties
- de mondelinge behandeling
2.De feiten
3.Het geschil
- Over te gaan tot het te gelden maken van het in het lichaam van de dagvaarding gemelde registergoed, meer in het bijzonder hem te machtigen alles te doen wat noodzakelijk is voor de verkoop van die woning;
- Te bepalen dat het vonnis in de plaats komt voor de obligatoire koopovereenkomst noodzakelijke toestemming en/of wilsverklaring en/of handtekening van gedaagde;
- Te bepalen dat het vonnis in de plaats komt voor de eigendomsoverdracht en levering van de woning noodzakelijke toestemming en/of wilsverklaring en/of handtekening van de gedaagde;
- Gedaagde te veroordelen in de kosten van dit geding en daarbij tevens te bepalen dat alle kosten die strekken ter verkoop van het gemelde registergoed waaronder begrepen mogelijke notaris- en andere kosten die direct of indirect verband houden met de verkoop en levering van het registergoed ten laste komen van de bovenomschreven gemeenschap.