ECLI:NL:RBLIM:2020:8142

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
21 oktober 2020
Publicatiedatum
22 oktober 2020
Zaaknummer
8461052 CV EXPL 20-1713
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:29 BWArt. 6:96 lid 6 BWBesluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering betaling orthodontiebehandeling en incassokosten

Famed B.V. heeft een vordering van €232,42 overgenomen betreffende een orthodontische behandeling ten behoeve van een minderjarig kind onder bewind. De bewindvoerder erkent de vordering, maar betaalde niet tijdig ondanks aanmaningen. Famed vordert betaling van de hoofdsom, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten.

De kantonrechter oordeelt dat de bewindvoerder de hoofdsom en de wettelijke rente tot 16 maart 2020 moet betalen. De gevorderde incassokosten van €40,00 worden toegewezen omdat de aanmaning aan wettelijke eisen voldoet. De wettelijke rente over de hoofdsom wordt toegewezen vanaf 16 maart 2020 en over de incassokosten vanaf de dagvaarding.

De bewindvoerder wordt veroordeeld in de proceskosten van €354,85. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: De bewindvoerder wordt veroordeeld tot betaling van €232,42 hoofdsom, wettelijke rente, €40 incassokosten en proceskosten van €354,85.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 8461052 CV EXPL 20-1713
Vonnis van de kantonrechter van 21 oktober 2020
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
FAMED B.V.,
gevestigd en kantoor houdende te Amersfoort,
eisende partij,
gemachtigde Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PARKSTAD BEWINDVOERING B.V.,
in hoedanigheid van bewindvoerder over de (toekomstige) goederen van
[naam onderbewindgestelde] ,
gevestigd te Brunssum,
gedaagde partij,
procederend in persoon.
Partijen zullen hierna ‘Famed’, ‘de bewindvoerder q.q.’ resp. ‘ [naam onderbewindgestelde] ’ worden genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

Famed heeft door middel van cessie overgedragen gekregen de openstaande vordering van ‘ [naam orthodontist] , orthodontist’ ad € 232,42 ter zake van een voor rekening en in opdracht van [naam onderbewindgestelde] verrichte orthodontistische behandeling ten behoeve van het minderjarige kind van [naam onderbewindgestelde] .

3.Het geschil

3.1.
Famed stelt dat de bewindvoerder q.q. in gebreke is gebleven met de volledige en tijdige betaling van het gefactureerde bedrag ad € 232,42. Ondanks diverse aanmaningen is het bedrag van € 232,42 onbetaald gebleven. Famed zag zich genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven en heeft daarom buitengerechtelijke incassokosten moeten maken die, evenals de wettelijke rente, op grond van de wet voor rekening van de bewindvoerder q.q. komen.
3.2.
Op bovenstaande grond vordert Famed om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, de bewindvoerder q.q. te veroordelen om aan haar te betalen € 280,20 (waarvan € 232,42 aan hoofdsom, € 7,78 aan verschenen rente tot 16 maart 2020 en € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten) te vermeerderen met de wettelijke rente over € 280,20 vanaf 16 maart 2020 totdat de vordering helemaal betaald is met veroordeling van de bewindvoerder q.q. in de proceskosten.

4.De beoordeling

4.1.
De bewindvoerder q.q. erkent de vordering en voert aan dat deze middels een betalingsregeling zal worden voldaan. In verband met dit laatste geldt dat de kantonrechter geen betalingsregeling kan opleggen. Een betalingsregeling kan met de schuldeiser worden getroffen (artikel 6:29 BW Pro).
4.2.
Gezien de erkenning van de bewindvoerder q.q. zullen de hoofdsom ad € 232,42 en de verschenen wettelijke rente ad € 7,78 berekend tot 16 maart 2020 worden toegewezen.
4.3.
Famed maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten ad € 40,00. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. De door Famed aan [naam onderbewindgestelde] op
26 september 2019 gestuurde aanmaning voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW Pro. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.
4.4.
Famed vordert vanaf 16 maart 2020 wettelijke rente over de totale som van
€ 280,20 en daarmee niet alleen over de toe te wijzen hoofdsom maar eveneens over de reeds verschenen rente en de buitengerechtelijke kosten. De wettelijke rente over de hoofdsom ad € 232,42 zal met ingang van 16 maart 2020 worden toegewezen. De gevorderde rente over de verschenen rente is toewijsbaar op de in het dictum weergegeven wijze. De gevorderde wettelijke rente over de buitengerechtelijke kosten is toewijsbaar vanaf datum dagvaarding (zijnde 2 april 2020).
4.5.
De bewindvoerder q.q. zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De kosten aan de zijde van Famed worden begroot op:
- dagvaarding € 86,85
- griffierecht € 124,00
- salaris gemachtigde €
144,00( 2 x tarief € 72,00 )
totaal € 354,85

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt de bewindvoerder q.q. om aan Famed te betalen:
- € 232,42 aan hoofdsom en € 7,78 aan verschenen wettelijke rente tot 16 maart 2020,
- de wettelijke rente over € 232,42 vanaf 16 maart 2020 totdat de hoofdsom helemaal betaald is,
- de wettelijke rente over de verschenen rente vanaf 16 maart 2020 voor zover de bewindvoerder q.q. de verschenen rente over een vol jaar verschuldigd is,
- € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf datum dagvaarding (zijnde 2 april 2020),
5.2.
veroordeelt de bewindvoerder q.q. in de kosten van de procedure aan de zijde van Famed gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 354,85,
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.4.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.J. Quaedackers en in het openbaar uitgesproken.
NZ