ECLI:NL:RBLIM:2020:7634
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling huurachterstand en verschuldigdheid bijkomende kosten in huurovereenkomst
De zaak betreft een geschil over de betaling van huurachterstand en bijkomende kosten tussen eiser en gedaagde. Gedaagde had een huurovereenkomst gesloten en was in gebreke gebleven met betaling van de huur. Na diverse aanmaningen heeft gedaagde de huurachterstand en een deel van de buitengerechtelijke kosten voldaan.
Eiser vordert betaling van de resterende buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente. Gedaagde betwist deze bijkomende kosten. De kantonrechter stelt vast dat er geen aanmaning heeft plaatsgevonden voor de huurachterstand over oktober en november 2019, waardoor de verhoogde buitengerechtelijke kosten niet toewijsbaar zijn.
Wel is gedaagde een bedrag aan wettelijke rente verschuldigd. Verder is niet gebleken dat partijen een betalingsregeling zijn overeengekomen. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis veroordeelt gedaagde tot betaling van €4,07 wettelijke rente en wijst het meer gevorderde af.
Uitkomst: Gedaagde is veroordeeld tot betaling van €4,07 wettelijke rente en niet tot de verhoogde buitengerechtelijke kosten; proceskosten worden gecompenseerd.