Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.De beoordeling
- dagvaarding € 105,09
- griffierecht € 124,00
- salaris gemachtigde €
Rechtbank Limburg
Eisende partij, VGZ Zorgverzekeraar N.V., vordert betaling van een openstaande zorgverzekeringspremie van €380,79, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten van €69,12. Gedaagde heeft na uitstelverzoek niet gereageerd.
De kantonrechter oordeelt dat de dagvaarding voldoet aan de wettelijke eisen en dat gedaagde vermoedelijk consument is, waarbij de beschermende bepalingen van het Europees consumentenrecht ambtshalve worden toegepast. De hoofdsom wordt als onvoldoende betwist beschouwd en toegewezen.
De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf de dag van dagvaarding omdat niet is gesteld vanaf welke datum gedaagde in verzuim is. De vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen omdat niet is gesteld vanaf welke datum het verzuim is ingetreden, wat vereist is volgens het toepasselijke Besluit.
Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom en rente vanaf 2 juli 2020, alsmede de proceskosten van €301,09. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de achterstallige premie en wettelijke rente vanaf dagvaarding, incassokosten worden afgewezen.